Wat betekent het huidige budgetplafond voor Red Bull Racing? Formule 1

Wat betekent het huidige budgetplafond voor Red Bull Racing?

Door Merijn Kramer 23 mei 2020 | 16:00


De Formule 1-teams hebben ingestemd met de nieuwe regels voor het langverwachte budgetplafond voor de Formule 1. In 2021 mogen de teams maximaal 132 miljoen euro uitgeven. Tot 2023 wordt het plafond daarna ieder jaar verlaagd met 4,5 miljoen euro, waardoor er in dat jaar maximaal 123 miljoen euro mag worden uitgegeven. F1Maximaal neemt je mee in de effecten van de nieuwe regelementen op de begrotingen van de teams aan de top, in het middenveld en in de achterhoede.

De budgetverlaging betekent voor verschillende teams weer heel wat anders, daarom kijken we naar de effecten van de nieuwe regelementen op een topteam, Red Bull, een team uit het middenveld, in dit geval Mclaren, en een team uit de achterhoede, waar Williams het voorbeeld van is.

We kunnen vanuit de jaarverslagen van de teams stellen dat de verschillen op dit moment op budgettair vlak erg groot zijn. Een topteam als Red Bull Racing werkt op dit moment met een totaal jaarbudget van 563 miljoen euro, terwijl een team als Mclaren per jaar 189 miljoen euro uitgeeft. In de achterhoede geeft Williams op haar beurt in totaal 106 miljoen euro per jaar uit.

In essentie gaat het budget van alle Formule 1-teams naar drie verschillende hoofdpijlers. Als eerste post is er het verrijden van de Grands Prix, als tweede post zijn er de salarissen van de werknemers (zonder coureurs en directie). Het resterende bedrag kan vervolgens worden uitgegeven aan de ontwikkeling van de auto.

Om te beginnen betalen de teams allemaal min of meer hetzelfde als het gaat om het draaiende houden van de activiteiten op het circuit. Ieder team betaalt gemiddeld zo’n 67 miljoen euro voor de reizen van het personeel, ondersteunend materiaal en de race-activiteiten op het circuit. Omdat dit bedrag elk jaar vrijwel hetzelfde is en voor elk team gelijk, zullen vanaf 2021 hier de verschillen niet in zitten. Die verschillen zijn vooral te voelen in het werknemersbestand en het geld dat wordt uitgegeven aan de ontwikkeling van Formule 1-bolides.

Groot verschil in aantal werknemers

Om de gevolgen voor de teams scherp te krijgen kijken we voor het gemak naar de jaarverslagen uit 2018 van Red Bull Racing, Mclaren Racing en Williams. Wat direct opvalt is dat er een groot verschil zit in het aantal werknemers die werken bij de verschillende raceteams.

Red Bull heeft zijn werknemers gespreid over twee verschillende bedrijven: Red Bull Technology en Red Bull Racing Limited. Red Bull Technology is verantwoordelijk voor de ontwikkeling en de productie van de bolides. Over de beide bedrijven heeft Red Bull in totaal zo’n 860 Formule 1-werknemers in dienst, waarvan er 50 in dienst zijn voor de ondersteuning op het circuit. In totaal geeft Red Bull ieder jaar zo’n 111 miljoen euro uit aan salarissen van werknemers.

Het verschil tussen de topteams en de rest van het veld is daarmee direct zichtbaar. Mclaren heeft bijvoorbeeld in totaal 714 man in dienst en betaalt in totaal circa 67 miljoen euro voor het onderhouden van haar werknemers. Daar tegenover heeft Williams 635 mensen in dienst en betalen zij 59 miljoen euro aan de werknemers. Vanaf 2021 zal Red Bull dus aanzienlijk op werknemerskosten moeten gaan besparen, terwijl er bij Williams vermoedelijk niemand ontslagen hoeft te worden.

Williams ontwikkelt voor weinig

Wat betreft de uitgaven voor ontwikkeling van de bolides zit er ook een flink verschil tussen de teams. Red Bull Technology gaf 146 miljoen euro uit aan de ontwikkeling van de bolides van Toro Rosso én Red Bull Racing. Wanneer we voor het gemak aannemen dat het topteam meer uitgeeft, zo’n 60 procent van dat budget, zou dat betekenen dat zij zo’n 89 miljoen uitgeven aan de ontwikkeling van de Red Bull-bolides.

Dat staat in schril contrast met wat Mclaren en Williams uitgeven aan de ontwikkeling van de auto. Mclaren gaf volgens de jaarverslagen uit 2018 in dat jaar 25 miljoen euro uit aan de ontwikkeling van de wagen. Williams wist in 2018 uiterst efficiënt te werk te gaan, de renstal uit Woking gaf slechts 7 miljoen euro uit aan dezelfde post.

De transitie is voor topteams het zwaarst

Met de introductie van het budgetplafond vindt er een transitie plaats waarin Formule 1-teams met een beperkte hoeveelheid geld deze kostenposten tegen elkaar af moeten wegen. Een groter werknemersbestand betekent dat je automatisch minder geld overhoudt voor het ontwikkelen van de auto, en vice versa. Kort door de bocht betekent het geheel voor Red Bull dat zij flink moeten besparen op het werknemersbestand, om zo de ontwikkeling van de wagens veilig te kunnen stellen. Dat terwijl er voor teams als Williams en Mclaren niet per se veel hoeft te veranderen.

Red Bull geeft, wanneer je de ‘standaard’ kosten van het verrijden van een jaar aan Grands Prix optelt bij de salarissen, al ruim 171 miljoen euro uit; het budgetplafond ligt binnen twee jaar al op 132 miljoen euro. Daarmee zouden zij dus simpel gezegd met de nieuwe regels geen geld meer kunnen uitgeven voor de ontwikkeling en de productie van een nieuwe bolide. Zware bezuinigingen liggen bij Red Bull dus voor de hand.

Weinig verandering voor teams als Williams en Mclaren

De transitie naar de nieuwe regelgeving gaat bij Red Bull, Ferrari en Mercedes dus voor hoofdbrekens zorgen. Zij moeten beduidend meer gaan bezuinigen ten opzichte van de rest van de teams. Het verschil gaat daarom ook gemaakt worden op het efficiënt besteden van het geld voor de ontwikkeling van de auto en het geld dat je uitgeeft aan de werknemers die in dienst zijn bij het team.

Mclaren zal bijvoorbeeld minder moeite hebben met het herverdelen van het budget. Wanneer de eerste twee posten, de operationele kosten voor het verrijden van alle Grands Prix en de jaarsalarissen, bij elkaar worden opgeteld, wordt duidelijk dat zij met de nieuwe regels het komende seizoen ongeveer 30 miljoen euro over zullen houden voor de ontwikkeling van de bolide. In principe staat dat bedrag dus nagenoeg gelijk aan het geld dat zij aan ontwikkeling hebben uitgegeven in 2018.

Voor Williams en de andere teams met een beduidend lager budget (zoals Haas) zal de budgetverlaging vrijwel geen verschil maken. Op dit moment geven zij niet meer dan 110 miljoen euro uit, wat betekent dat zij nu al zouden voldoen aan de regels. Het voordeel voor de kleinste spelers binnen de sport moet dus komen uit het nadeel van de topteams. (Foto: Red Bull Content Pool/Getty Images)

Door: Merijn Kramer en Joshua Jacobs


Tags:

Reacties

Er zijn nog geen reacties geplaatst, wees de eerste!

Reageer


Meer nieuws

Indeleiderstrui.nl

Meer wielernieuws