Stoffel Vandoorne komt langzaam maar zeker bovendrijven uit de modderpoel van ellende waar zijn eerste volledige seizoen als Formule 1-coureur zich grotendeels heeft afgespeeld. De Vlaming kijkt dan ook met een positief gevoel vooruit naar de rest van dit en, vooral, naar het komende seizoen.
Na een aantal jaren op de reservebank te hebben gezeten omdat de stoeltjes bij het team van McLaren bezet werden door gerenommeerde namen als Fernando Alonso en Jenson Button, mocht Stoffel Vandoorne zich dit seizoen pas echt Formule 1-coureur noemen ondanks dat de Vlaming vorig jaar in Bahrein al debuteerde en direct een WK-punt scoorde. De gewezen GP2-kampioen kwam alles behalve in een gemakkelijke situatie terecht. 'Enerzijds was ik dolblij dat ik aan mijn eerste seizoen kon beginnen, anderzijds viel te wagen nogal tegen', zegt Vandoorne tegen de NOS. 'Het besef dat je weekends op rij geen punten kunt scoren, is nieuw voor me. Toch geniet ik. Er zijn maar twintig Formule 1-coureurs. Dit is, ondanks dat het een teleurstellend seizoen is, een droombaan. Het is de kunst om lichtpuntjes te blijven zien.'
Eén van die lichtpuntjes was de race in Maleisië waar de McLaren-coureur met een zevende plaats het beste resultaat uit zijn loopbaan behaalde. 'Ik ben blij met de punten, maar het geeft geen overwinningsgevoel. Het gevoel dat je krijgt als je als eerste het zwart-wit geblokt ziet, is ongeëvenaard. Dit komt niet in de buurt.'
Vandoorne zich niet vergelijken met die andere Nederlandssprekende coureur in de Formule 1. 'Mijn weg naar de Formule 1 was heel anders dan die van Max', stelt Vandoorne. 'Mijn familie had niks met autosport. Ik kwam enkel in aanraking met de kartsport omdat ik meeging met mijn vader, die een restaurant bouwde van een kartbaan in de buurt. Ik ben er ingerold. Formule 1 werd een droom, maar ik dacht er niet veel aan. Het was misschien anders geweest als mijn vader meer verstand had gehad van autosport. Dan had ik misschien nog meer kunnen bereiken. Maar ja, ik was niet voorbestemd om Formule 1-coureur te worden. Max wel. Hij is vanaf zijn geboorte gedrild door Jos. Ik heb meer mijn eigen weg moeten vinden, maar ben er ook gekomen.'