Lando Norris heeft ervoor gezorgd dat de constructeurstitel
officieel voor McLaren is, door de Ferrari’s achter zich te houden en als
eerste over de finish te rijden. De Brit is door het dolle heen na deze titel,
maar heeft zijn blik stiekem ook al gericht op het rijderskampioenschap van 2025.
Na een toename van zijn zelfvertrouwen en na een flinke dosis zelfinzicht te hebben vergaard, ziet Norris het helemaal zitten om volgend jaar te vechten voor
twee titels. Er is bij de McLaren-coureur sprake van zowel blijheid als
opluchting. ‘Ik ben heel erg blij. Vandaag was een geweldige dag voor iedereen’,
geeft hij aan bij
Formula1.com. Hoewel McLaren de beste papieren had, maakte
dat de Brit niet minder nerveus. ‘Zo veel zenuwen, zo veel druk. Zeker na bocht
één, toen Oscar eraf geknikkerd werd. Dat zorgde voor veel meer druk bij
iedereen’, geeft Norris toe. ‘Het was een lastige race, terwijl het eigenlijk ook
eenvoudig was. Een éénstopper, dat soort dingen. Er waren niet veel safetycars
die de boel nog door elkaar konden husselen’, blikt de winnaar terug op het
verloop van de race.
Alles hing af van pitstop
De leiding bleef stevig in de handen van de Brit, maar deze
voelde toch ook de druk van zijn oude teamgenoot die achter hem reed. ‘De druk
bleef. Carlos zat de hele race vlak achter me’, zegt Norris. Net als zijn
teambaas
Andrea Stella wijst hij op het belang van de pitstop, die allesbepalend
was. ‘Er was ook de pitstop, dat is een moment dat je altijd een beetje nerveus
wordt. De mecaniciens zetten een perfecte pitstop neer’, prijst hij zijn
pit crew.
‘Dat hebben ze geweldig gedaan’, voegt Norris eraan toe.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Norris zette poleposition succesvol om in een zege.
Uiteindelijk lukte het McLaren om de eerste
constructeurstitel sinds 1998 binnen te halen. ‘Ik ben gewoon blij voor het
team. Het was veel werk, veel moeite en er zitten veel uren in iets zoals dit kunnen
bereiken’, vertelt Norris, die zich daarna meteen verbetert. ‘Vele jaren. Dit
is niet iets kleins. Dit is een groot ding voor iedereen’, geeft de Britse
coureur aan. De nummer twee in het rijderskampioenschap zal deze dag dan ook
nooit vergeten. ‘Een historisch moment. Dat ik hier deel van uitmaakte, zal ik me
eeuwig blijven herinneren’, weet hij zeker.
Norris leerde zelfvertrouwen te hebben
De Brit ziet het zeker zitten volgend jaar ook voor de
andere titel te vechten. ‘Nee…’ grapt hij eerst. ‘Natuurlijk. Ik zag het dit
jaar ook al wel zitten, maar het kwam iets te laat’, zegt de coureur,
verwijzend naar de beginfase van het seizoen, toen Verstappen weer leek te gaan
domineren. ‘Er zijn zeker dingen waar ik aan moet werken en waar ik op moet
terugkijken om ze te corrigeren, te verbeteren’, toont hij zelfinzicht. Toch
haalt hij ook alvast een belangrijk positief punt aan. ‘Wat ik dit jaar vooral
heb geleerd, is vertrouwen in mezelf te hebben’, vertelt Norris.
Zelfvertrouwen was tot op heden niet zijn sterkste punt, geeft
hij zelf aan. ‘Ik was altijd het tegenovergestelde. Ik heb altijd de drang om het
aan mezelf te bewijzen voor ik ergens in ga geloven’, legt de Brit uit. ‘Ik heb
fouten gemaakt, maar het was een goede inspanning en wat ik heb geleerd is: Ik
heb wat er nodig voor is’, stelt Norris vast, en daarbij geeft hij aan dat dit niet
een overmoedige uitspraak is. ‘Ik weet waar ik toe in staat ben en ik weet dat
als ik bepaalde dingen verbeter, het zeker mogelijk is’, benadrukt de coureur
met nummer 4 op zijn auto. ‘Ik heb er zin in. Ik kijk enorm uit naar volgend
jaar’, sluit Norris het interview af.