Ik zal maar meteen met de deur in huis vallen: Ik had de documentaire over het leven van Frank Williams beter niet kunnen kijken. Vanaf het moment dat ik Formule 1 ben gaan volgen, had ik een zwak voor het Williams team. Niet alleen vanwege de competitiviteit en de wil om te winnen, maar ook vanwege de man in de rolstoel die alle stormen had doorstaan.
In realiteit, zo brengt deze documentaire helder in beeld, had de man in rolstoel maar weinig invloed in de opkomst en successen van het team dat zich eind jaren zeventig/begin jaren tachtig en later in het begin en midden van de jaren negentig ontwikkelde tot een wereldkampioenschap winnend team.
Die credits komen grotendeels toe aan Williams' vrouw Virginia (steevast Ginny genoemd), die haar eerste man voor Frank verliet en zijn droom om een Formule 1-team te runnen grotendeels financierde. Toen na jaren van ploeteren midden jaren zeventig het succes voorzichtig kwam werd Williams door de slimme zakenman Walter Wolf (geen familie van) uit zijn eigen team gebonjourd en toen Wolf met de voor Williams ontwikkelde wagen won, werd het Frank te veel. Zes weken kwam hij zijn pyjama niet uit.
Het was een bezoek van een jeugdvriend die hem weer bij zijn positieven bracht en daarna werden snel de eerste stenen voor Williams Grand Prix' Engineering gelegd. Een kritiek punt daarbij was het aantrekken van Patrick Head als technisch directeur. Samen met een slim ontwerpteam legde Head de basis voor de wagens die in 1979 een eerste race (Britse Grand Prix) en in 1980 een eerste wereldtitel (Alan Jones) won. In 1982 won ook Keke Rosberg namens Williams de wereldtitel.
In 1986 leek er voor Williams geen vuiltje aan de lucht op weg naar de wereldtitel. De auto was goed en met Nelson Piquet en Nigel Mansell was er een fantastisch, zij het explosief rijdersduo gecontracteerd. Het ging mis tijdens een pre-seizoentest op het Circuit van Paul Ricard, waar Frank Williams na de laatste trainingsdag op weg naar het vliegveld de controle over zijn huurauto verloor en zichzelf een dwarslaesie bezorgde.
Wat de documentaire uitstekend in beeld brengt, naast het feit dat het voor het leven van Williams echt kantje boord is geweest, is de daadkracht van Ginny, die Frank bijna eigenhandig naar Engeland sleurt als ze doorkrijgt dat de Fransen de beademing willen stoppen, en het totale gebrek aan emoties bij Frank. De man heeft zijn leven lang niet bekend gestaan als een emotioneel mens (denk onder andere aan het ontslag van wereldkampioen Nigel Mansell omdat die teveel geld wilde verdienen), maar na zijn ongeluk neemt het extreme vormen aan. Williams heeft, ondanks vele verzoeken van dochter en huidig Williams-teambaas Claire, nog altijd het boek van zijn wijlen vrouw over het leven van het gezin na het ongeluk niet gelezen omdat hij niet geconfronteerd wil worden met de emoties waar Ginny en de kinderen door heen zijn gegaan. Echt gepassioneerd praat Williams nooit over zijn gezinsleven. Die passie bewaard de inmiddels 75-jarige teameigenaar voor de autosport. Williams heeft geen bloed, maar benzine door zijn aderen stromen. Zijn blik is op de toekomst gericht. Williams verwacht dat zijn team 'waarschijnlijk' de aansluiting met de topteams wel weer zal vinden. Het is het meest hoopvol dat we de ultieme realist gedurende de anderhalf uur durende docu horen.