De Japanse Grand Prix heeft altijd aan het eind van het seizoen op de kalender gestaan. Daarom het circuit van Suzuka ook menigmaal scherprechter geweest in het beslissen van de strijd om de wereldtitel. Geen beslissing is zo controversieel als die van 1990.
Suzuka, zaterdag 20 oktober 1990. Ayrton Senna heeft zojuist de pole-position veroverd voor de Grand Prix van Japan op Suzuka, een plek waar hij een jaar eerder door een botsing met zijn grote rivaal Alain Prost de strijd om de wereldtitel heeft verloren. Senna leidt in het kampioenschap en heeft negen punten voorsprong op Prost die eigenlijk op Suzuka moet winnen om zijn titelkansen levend te houden. Senna is door het dolle. De helft van het werk is gedaan. De Braziliaan is alleen niet blij met de plaats van de pole-position. Die is namelijk aan de rechterkant van de baan, terwijl Senna vindt dat de pole aan de linkerkant op de racelijn moet liggen.
Senna en teamgenoot Gerhard Berger dienen een verzoek in bij de wedstrijdleiding om de pole position te verplaatsen. De stewards gaan akkoord, maar hun beslissing wordt teruggedraaid door de Franse (!!) FISA-president Balestre. Senna is woedend wanneer hij dit verneemt en besluit het heft in eigen hand te nemen.
Bij de start van de race is Prost vanaf de schonere kant van de baan inderdaad beter weg dan Senna. Senna besluit te doen wat hij zich had voorgenomen te doen als hij de start zou verliezen. De Braziliaan positioneert zijn McLaren dusdanig half-naast de Ferrari van de Fransman dat contact onvermijdbaar is. Beide titelkandidaten spinnen de grindbak in. Senna is wereldkampioen. Prost des duivels.