De reden dat het team van Renault F1 vorig seizoen ook naast de baan de strijd aan ging met Haas F1 was omdat de Franse renstal bang was voor de opkomst van het Amerikaanse team. Geheel terecht als je het aan Haas-coureur Romain Grosjean vraagt, en ze zullen in de toekomst ook bang moeten zijn. Beide teams streden om de vierde plek in het constructeurkampioenschap en dat de strijd niet alleen tot op het circuit beperkt bleef bleek wel bij de Italiaanse Grand Prix. Na afloop van de race diende Renault een officiële klacht in over de bolide van Grosjean, die de race als zesde was geëindigd. De
FIA gaf Renault uiteindelijk gelijk en de Fransman in dienst van Haas werd gediskwalificeerd vanwege de legaliteit van zijn vloer.
'Ze worden bang en zouden in de toekomst ook bang moeten zijn'
Volgens Grosjean was het protest van Renault ontstaan door angst voor de sterke opkomst van Haas, dat in 2018 pas aan haar derde Formule 1-seizoen bezig was. ‘Ik vond het niet echt een sportieve actie’, oordeelde de Fransman tegenover
Autosport.com over het protest van Renault. ‘Maar inderdaad, ze worden bang, wat een goed gegeven is. Ze zouden ook in de toekomst bang moeten zijn.’
Naar verwachting gaan de twee teams in 2019 wederom de strijd met elkaar aan, al is er volgens Grosjean nog voldoende ruimte intern om te verbeteren: ‘Er zijn een aantal zaken. Een voorbeeld is dat we geen onderdelen zelf produceren, dus we moeten ze extern laten fabriceren en soms duurt dat iets te lang. Dat is een voorbeeld dat ik kan geven, maar er zijn er meer. Waar zij [Renault, red.] drie dagen over doen, doet ons team er misschien drie weken over.’
‘Bijvoorbeeld de vloer, we hadden geen tijd om die te veranderen voor Monza, dat was het enige. De prestatie die we ermee wonnen was nul. Echt nul, nul, maar we hadden gewoon de tijd niet om het voor Monza te doen en Renault sprong daar op in.’ (Foto: Haas F1 Team)