Mercedes geloofde er aanvankelijk niet in dat Valtteri Bottas neerwaartse druk verloor tijdens de Grand Prix van Emilia Romagna. De Fin reed in de tweede ronde van de race in Imola over een stuk puin, waardoor hij de vloer van zijn W11 beschadigde. De sensoren op de auto gaven aan dat er iets mis was.
De Mercedes-ingenieurs geloofden de sensoren echter niet, omdat Bottas zijn leidende positie gewoon vast wist te houden. 'We zagen een grote terugval in de prestaties', vertelt Andrew Shovlin, ingenieur bij het team. 'Als je dat naar rondetijden vertaalt, verloor hij zo'n zeven of acht tienden van een seconde.'
Iets wat voor het team onwaarschijnlijk leek. 'We geloofden de sensoren niet echt', aldus Shovlin. 'Omdat Valtteri bijzonder hard pushte en in staat was om redelijke rondetijden te rijden als dat nodig was. We konden zelfs een klein gat opbouwen.' Toch was er wel degelijk een probleem bij Bottas, maar het team wist niet precies wat.
'Als je naar de grootte van het stuk puin kijkt, en het feit dat het rood is, kun je niet geloven dat we het niet op de camera's konden zien', stelt Shovlin. 'Maar het zat vast, en het was het zwarte gedeelte dat zichtbaar was. Omdat alles daar zwart is konden we het niet zien.' Foto: Mercedes AMG F1)
Het stuk puin dat onder de auto van Bottas vastzat