Christijan Albers begrijpt de beslissing van Red Bull na het incident tussen Max Verstappen en Lewis Hamilton tijdens de Grand Prix van Madrid. De voormalig Formule 1-coureur vindt dat het team op het juiste moment ingreep, ondanks dat Verstappen daardoor meerdere posities verloor. Tegelijkertijd plaatst Albers grote vraagtekens bij de manier waarop dit soort incidenten door de FIA wordt beoordeeld. Max Verstappen kwam in de openingsfase van de Grand Prix van Madrid in een fel gevecht met Lewis Hamilton terecht. De Nederlander moest uiteindelijk een positie teruggeven nadat hij buiten de baan was gekomen, terwijl hij kort daarvoor ook Kimi Antonelli had gepasseerd. Volgens Albers kon Red Bull op dat moment maar beter zelf het zekere voor het onzekere nemen. “Nou, ik ben blij dat Red Bull zijn job doet en de FIA zo traag is, waardoor ze kunnen ingrijpen. En ik denk dat ze gewoon een goede keuze hebben gemaakt”, vertelt Albers in de podcast van de
Telegraaf.
Red Bull kreeg daardoor wel te maken met een vervelende consequentie voor Verstappen. De Nederlander had Antonelli gepasseerd nadat de Mercedes-coureur een fout had gemaakt, maar moest die positie eveneens weer afstaan. “Het was natuurlijk gewoon een beetje jammer dat hij Kimi voorbij was gegaan, nadat Kimi een fout had gemaakt, waardoor hij die plaats ook terug moest geven. Maar ik denk dat dat eigenlijk de beste optie was op dat moment. Er was geen andere keuze”, legt de analist uit.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Max Verstappen moest zijn positie teruggeven aan Lewis Hamilton.
Volgens Albers zit het probleem niet alleen in de actie zelf, maar vooral in de manier waarop de Formule 1 daarna naar een schuldige zoekt. Bij een incident als dit zijn meerdere interpretaties mogelijk, waardoor een simpele regel volgens hem onvoldoende recht doet aan wat er op de baan gebeurt. “Op een gegeven moment is er voor beide coureurs wel wat te zeggen. Verstappen heeft de snelheid. Lewis moet echt heel hard remmen, omdat anders Norris tegen hem aanrijdt”, stelt Albers.
Albers haalt uit naar FIA-regels
Albers richt zijn kritiek vervolgens nadrukkelijk op de beoordeling bij de apex van de bocht. Dat ene moment wordt volgens hem te bepalend gemaakt voor de vraag wie een bocht toebehoort, terwijl een inhaalactie zich over een veel groter deel van de bocht afspeelt. “En dan komt weer die stomme regel: wie is bij de apex voor? Het slaat eigenlijk nergens op, want anders kan je namelijk nooit inhaalacties hebben. Daar ga je gewoon nooit uitkomen”, aldus Albers.
De discussie over het incident laat volgens Albers vooral zien waarom dit soort beslissingen zo lastig blijven. Beide coureurs kunnen vanuit hun eigen perspectief een argument aandragen, terwijl de wedstrijdleiding uiteindelijk één oordeel moet vellen. "Je hebt altijd 50-50. Iedereen kijkt vanuit zijn eigen plaats, maar het probleem is gewoon dat die regels er staan met de apex”, zegt hij. “Het is gewoon helemaal niet fair. Dat heeft niks met racen te maken", zegt Albers.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Verstappen eindigde tijdens de Grand Prix op de tweede plaats.
Juist daarom is hij positief over de manier waarop Red Bull met het incident omging. Het team besloot volgens Albers niet eindeloos te wachten op een oordeel van de FIA, maar zelf de situatie te controleren. Daarmee kon Red Bull volgens hem voorkomen dat Verstappen mogelijk nog verder in de problemen zou komen. “Ik denk dat Red Bull goed ingegrepen heeft. Die heeft gewoon gezorgd van: oké, luister, dus laten we niet het risico nemen. Want je weet het nooit”, aldus Albers.
Albers ziet daarin bovendien een mogelijke manier om discussies tijdens races te beperken. Wanneer teams sneller zelf een beslissing nemen, hoeft niet iedere twijfelachtige actie direct uit te draaien op een langdurige discussie met de wedstrijdleiding. “De vraag is natuurlijk: hoe kan je de race veilig stellen en naar je hand zetten? Dat die teams zelf die beslissing gaan nemen. Dan krijg je ook minder discussies in die beginfase”, besluit Albers.