Vandaag, 14 maart, is het precies 25 jaar geleden dat er in 1993 aan de start van de Zuid-Afrikaanse Grand Prix voor het eerst Formule 1-wagens van het Sauber-team stonden. Het Zwitserse team waagde de sprong van World Sportscar Championship naar de Formule 1 en bracht en passant Mercedes mee naar de koningsklasse van de autosport.
Team Sauber was een gerenomeerde naam in de lange afstandsracerij toen teameigenaar Peter Sauber besloot om de sprong naar de Formule 1 te maken. Aanvankelijk was het de bedoeling dat het team die sprong samen met jarenlange partner Mercedes zou maken. Uiteindelijk koos de autofabrikant ervoor om wel een financiële bijdrage aan het project van Sauber, Le Mans-winnaar van 1989, te leveren, maar nog niet hun naam er aan te verbinden. Daarom racete Sauber in 1993 met Ilmor-motoren. Mario Iliën, huistuner van Mercedes, wilde wel graag zijn naam aan het project verbinden.
De C12, Sauber nummerde de typering van hun eerste Formule 1-wagen gewoon door, die in Zuid-Afrika voor het eerst op het asfalt reed werd bestuurd door de Fin JJ Lehto en de Oostenrijker Karl Wendlinger, die ook al in de sportscars voor Sauber reed. De wagen leek verdacht veel op de FW14 van kampioensteam Williams, oogste lof met een prachtige zwarte livery en maakte diepe indruk door tijdens het debuutweekend direct als vijfde over de finish te komen. In de handen van JJ Lehto werden direct twee WK-punten gescoord.
Het maakte meteen duidelijk wat voor een team Sauber in de beginjaren was: een gedegen motor. Het debuutjaar werd afgesloten met twaalf punten en een zevende plaats in het kampioenschap. Mercedes had genoeg gezien en stapte voor aanvang van 1994 wel in bij het Zwitserse team. Ook debuteerde Heinz-Harald Frentzen in 1994 als vervanger van Letho, die bij topteam Benetton tekende. Frentzen was in 1995 de eerste Sauber-coureur die het podium haalde door derde te worden tijdens de Grand Prix van België.
1995 was ook het eerste jaar van een jarenlange samenwerking tussen Sauber en energiedrankje Red Bull. Deze samenwerking liep door tot 2005, toen Red Bull een eigen team begon. In de tussenliggende jaren scoorde Sauber her en der een verdwaalde podiumplaats en was het vooral een kraamkamer voor jonge, talentvolle coureurs. Onder andere Kimi Raikkonen, Nick Heidfeld en Felipe Massa stonden bij Sauber aan het begin van hun F1-loopbaan.
Eind 2005 werd Sauber overgenomen door BMW en nam het van 2006 tot en met 2009 als fabrieksteam onder de naam BMW-Sauber deel aan de kampioenschappen. Ondanks een strakke planning die lange tijd op schema liep lukte het BMW niet om het ultieme doel, wereldkampioen worden, te bereiken en trok het bedrijf eind 2009 de stekker uit het project.
Peter Sauber kocht de aandelen van zijn team terug en schreef het wederom als privateer-team in. De ervaren Spanjaard Pedro de la Rosa, later vervangen door Nick Heidfeld, en de talentvolle Japanner Kamui Kobayashi vormden de eerste line-up van het nieuwe Sauber. Het beste jaar na de BMW-periode was ongetwijfeld 2012, waar er maar liefst 126 punten en door beide coureurs, Kobayashi en de Mexicaan Sergio Perez, een podiumplaats werden gescoord.
De laatste jaren is het flink kwakkelen bij Sauber. Het team heeft moeite om het budget rond te krijgen en moet daarom geregeld een beroep doen op coureurs die een flink budget meebrengen naar het team. Soms respecteert het team daarbij eerder gemaakte afspraken niet eens. Vraag het maar eens aan Guido van der Garde. Op de baan kent Sauber, met uitzondering van 2015, magere jaren. De afgelopen twee seizoenen scoorde het team slechts zeven punten en eindigde het tweemaal als laatste in het constructeurskampioenschap.
Binnen het team heerst sinds de komst van Alfa Romeo als titelsponsor en technisch partner de hoop dat het team terug kan keren naar de positie die het in haar beginjaren had: die van gedegen middenmotor met af en toe een mooie uitschieter naar boven.