Andreas Seidl zegt dat de race van McLaren grotendeels werd bepaald door de kwalificatie op zaterdag. Lando Norris en Carlos Sainz wisten zich respectievelijk als negende en tiende te kwalificeerden, maar kwamen in de race niet verder dan een zevende en achtste plaats.
Toch lagen er wel kansen voor het team uit Woking tijdens de Grand Prix van Emilia Romagna. Eerder voorspelde Sainz al dat er meer podiumplaatsen voor het team zouden komen als er een Mercedes of Max Verstappen uit zou vallen, maar nu dat het geval was, bevond het team zich niet in de positie om te profiteren.
'We konden niet veel doen', vertelt Seidl in gesprek met AS. 'Dat kon je goed zien bij Carlos. Op een circuit als deze kun je meer tempo hebben dan de auto voor je, maar kun je niets doen.' Geheel ontevreden is de teambaas echter niet. 'Uiteindelijk moeten we blij zijn, want we hebben tien punten behaald', zegt hij.
Seidl: 'We hebben twee coureurs die het altijd goed doen'
'Maar het is duidelijk dat we moeten kijken hoe we de strijd voor de derde plaats kunnen doorstaan.' Er valt nog genoeg te verbeteren bij het team, geeft de Duitser aan. 'Maar een van onze sterke punten is dat we twee coureurs hebben die het altijd goed doen', vertelt hij.
Over de volgende race, in Turkije, wil Seidl echter nog geen uitspraken doen. 'De verschillen zijn te minimaal', zegt hij. McLaren staat momenteel vierde in het constructeurskampioenschap, slechts één punt achter Renault. Racing Point staat vijfde met een gelijk aantal punten als McLaren: 134. (Foto: McLaren F1 Media)