Andrea Stella heeft na de kwalificatie voor de Grand Prix van Monaco uitgelegd waarom McLaren niet mee kon doen om de voorste startposities. De teambaas zag zijn coureurs worstelen op een circuit dat de huidige zwaktes van de MCL40 duidelijk blootlegde. Volgens Stella had McLaren vooraf al rekening gehouden met een lastig weekend, omdat Monaco precies vraagt om eigenschappen die de auto momenteel nog niet voldoende bezit. De teleurstelling bij McLaren zit vooral in het feit dat er ondanks die verwachting meer mogelijk leek. Stella hoopte minstens één auto op de derde startrij te krijgen, maar uiteindelijk moest het team genoegen nemen met de vierde rij. De Italiaan ziet dat er vooruitgang is geboekt ten opzichte van vrijdag, maar benadrukt dat de auto in Q3 niet genoeg marge gaf om alle potentie in één ronde samen te brengen.
Grote gebreken
Stella legt uit dat McLaren vooraf wist dat Monaco moeilijk zou worden door twee technische factoren. De eerste heeft te maken met de algemene grip van de auto, die volgens hem nog niet op het gewenste niveau zit. "Vanuit het oogpunt van het chassis weten we dat we over het algemeen grip tekortkomen", zegt Stella. "We hebben een duidelijk doel om die grip te verbeteren, en dan vooral de aerodynamische belasting."
Volgens de teambaas is dat op een circuit als Monaco extra belangrijk. De baan bestaat uit veel langzame bochten, korte acceleratiezones en plekken waar de coureur volledig moet kunnen vertrouwen op de mechanische en aerodynamische grip. Als die basis ontbreekt, wordt het lastig om het verschil te maken in de kwalificatie. Stella ziet dat de McLaren juist op dat gebied nog ontwikkeling nodig heeft.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
McLaren is niet snel genoeg in Monaco.
De tweede factor zit volgens Stella in de manier waarop de McLaren met de banden omgaat. Normaal gesproken kan een auto die vriendelijk is voor de banden een voordeel zijn, maar in Monaco werkt dat niet altijd positief uit. "De MCL40 is deels door het ontwerp en deels door de richting waarin we willen verbeteren heel zacht voor de banden", legt Stella uit. "Wanneer je goed moet zijn in het aanbrengen van energie en warmte in de banden, dan worstelen we een beetje."
Daardoor was het voor McLaren lastig om de banden op het juiste moment in het juiste venster te krijgen. Stella stelt dat de coureurs tijdens de voorbereidingsronde heel specifiek met de banden moesten omgaan, maar dat de auto alsnog tijd verloor aan het begin van de ronde. "Het was geen eenvoudige taak om het juiste bandenvenster te vinden", vervolgt hij. "Vooral in het eerste deel van de ronde lijken we tijd te verliezen ten opzichte van anderen."
Geen ommekeer
Hoewel Monaco de zwaktes van McLaren uitvergroot, wil Stella niet doen alsof het probleem alleen aan dit circuit ligt. De teambaas erkent dat de auto achterloopt op de ontwikkelingslijn die het team voor ogen had. "Ik denk dat het eerlijk is om te zeggen dat dit circuit de zwaktes van onze auto duidelijk heeft blootgelegd", stelt Stella. "Maar we weten ook dat we, vergeleken met waar we met onze auto willen zijn, een beetje achterlopen op de planning."
Daarom waarschuwt Stella voor te hoge verwachtingen richting circuits met andere karakteristieken. Volgens hem zou het te makkelijk zijn om te denken dat McLaren op een ander type baan direct weer om poleposition kan vechten. "Het zou een verkeerde verwachting zijn om te denken dat we naar een circuit met andere eigenschappen gaan en McLaren ineens voor poleposition vecht", benadrukt hij. "Dat is een beetje te optimistisch."
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Genoeg werk aan de pitmuur voor McLaren.
Toch zag Stella in Monaco wel dat McLaren progressie boekte van vrijdag naar zaterdag. Daardoor denkt hij dat een betere startpositie haalbaar was geweest als alles in Q3 was samengevallen. "Dankzij de verbeteringen die we van vrijdag naar vandaag hebben doorgevoerd, zat er potentieel in de auto om als derde te kwalificeren", zegt de Italiaan. "Maar vooral in Q3 was het moeilijk om al dat potentieel samen te brengen."
Volgens Stella namen de coureurs veel risico omdat ze niet tevreden wilden zijn met een plek rond P7, P6 of P5. Dat maakte het lastig om een perfecte ronde neer te zetten. "De coureurs pushten heel hard en dan is het moeilijk om alles bij elkaar te krijgen", besluit Stella. "We hebben grote kansen om de auto aerodynamisch te verbeteren en ook de manier waarop de auto met de banden samenwerkt. We hopen niet op een specifieke circuitkarakteristiek; we moeten ons op onszelf focussen en de auto verbeteren."