Fernando Alonso en Lewis Hamilton zijn de twee oudste coureurs in het huidige deelnemersveld van de Formule 1, maar dat betekent niet dat beide heren zich verbaal inhouden. Sterker nog, beide veertigers hebben zich al ruimschoots bewezen in de Formule 1 en voelen zich dus wat comfortabeler met het doen van stevige uitspraken. Alonso en Hamilton zijn het er duidelijk over oneens wie nu de beste coureur is. Alonso rijdt dit jaar, niet voor het eerst in zijn carrière, in de achterhoede rond. De 44-jarige staat op de voorlaatste plek in het kampioenschap, zelfs nog achter de Cadillac-coureurs. Honda hoopt de hardnekkige problemen in Canada enigszins op te lossen, maar Alonso werd in zijn persmoment in Montréal terecht gevraagd hoe hij de progressie meet als hij zelf in niemandsland rondrijdt.
"Ik ben de beste"
De kopman van
Aston Martin kwam daarop met een fel antwoord. "Ik meet niet. Ik ben de beste", aldus de coureur uit Oviedo. De aanwezige journalisten twijfelen duidelijk of ze moeten lachen om het antwoord van Alonso of dat hij bloedserieus is. Het laatste blijkt het geval te zijn. "Ik hoef niks te bewijzen. Ik hoef helemaal niks te voelen om te geloven dat ik op het juiste niveau zit."
Alonso wordt vervolgens ook gevraagd hoe hij gemotiveerd blijft, nu een wereldtitel in de nabije toekomst onhaalbaar lijkt te zijn bij Aston Martin. "Ik wacht op mijn kans", zo lijkt hij nog niet van plan te zijn om met pensioen te gaan. "Ik probeer het team ondertussen te helpen en mijn competitieve voordeel niet te verliezen, want dat heb je wel nodig in de Formule 1. Dat doe je door in verschillende klassen te rijden en in verschillende auto's. Zo test je jezelf en voel je je competitief."
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Alonso kan zich in de Formule 1 alleen met Stroll meten.
"Als ik ga karten en ik ben niet de snelste, dan maak ik me zorgen", zo legt hij uit hoe hij zijn eigen progressie vaststelt. "Als ik in een GT-auto stap en niet de snelste ben, dan maak ik me ook zorgen. Ik ben nu de snelste, dus als het op Formule 1-weekenden aankomt, is het een kwestie van tijd voordat ik een betere auto heb", zo houdt Alonso vol dat hij nog altijd tot de absolute top behoort.
Hamilton met sneer naar Alonso
Opvallend genoeg wandelde Lewis Hamilton enkele minuten later de ruimte van de FIA-persconferentie binnen. De 41-jarige werd daar onder meer naar zijn toekomst gevraagd. Er gaan namelijk geruchten rond dat Hamilton in juli in Silverstone zijn pensioen gaat aankondigen. Hamilton spreekt dat duidelijk tegen. "Ik heb nog een contract. Alles is honderd procent duidelijk voor mij. Ik ben nog gefocust en gemotiveerd. Ik houd nog enorm van wat ik doe. Ik blijf nog lang meedoen, dus wen er maar aan!" luidt de boodschap aan zijn criticasters. Het kan financieel echter ook ongunstig voor Hamilton zijn om zijn eigen pensioen aan te kondigen als hij nog opties in zijn contract heeft.
Hamilton heeft het al langer lastig in de Formule 1. Waar Alonso vooral te maken heeft met ondermaats materiaal, heeft Hamilton het lastig tegen zijn teamgenoten. In 2024 legde hij het af tegen George Russell en afgelopen seizoen was
Charles Leclerc hem de baas. Dat lijkt dit seizoen ook weer het geval te zijn, maar Hamilton wil voorlopig niet weg. "Er zijn veel mensen die willen dat ik met pensioen ga, maar daar ben ik niet eens mee bezig."
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Hamilton wil voorlopig niet weg.
Rivaliteit in 2007
Later in de persconferentie legt Hamilton uit dat hij keihard heeft moeten vechten voor zijn positie in de sport, als hem gevraagd wordt om terug te blikken op zijn debuutzege in Canada 2007. Hij haalt daarbij zelf de rivaliteit met Fernando Alonso aan. "In de eerste vijf races van 2007 mocht alleen Fernando zijn brandstofhoeveelheid aan het begin van de race kiezen", zo wijst hij op de toenmalige strijd bij McLaren. "Ik moest twee keer zo hard werken om sneller te zijn."
Hamilton maakt duidelijk dat hij zelfs toen al beter was dan Alonso. "Ik heb er heel hard op aangedrongen om mijn eigen brandstofhoeveelheid te mogen kiezen en toen ik dat kreeg, won ik", zegt hij negentien jaar na zijn overwinning. "Toen we dezelfde brandstofhoeveelheid kregen, pakte ik ook de poleposition en won ik de race in Indianapolis. Ik heb gevochten voor iets waar ik in geloofde. The rest is history, toen we eenmaal de kans kregen", zo vindt hij duidelijk dat hij weinig heel heeft gelaten van Alonso.
In werkelijkheid eindigden beide coureurs op hetzelfde puntenaantal.
Kimi Räikkönen ging er als lachende derde met de wereldtitel vandoor, wat '
the rest is history' een opvallende uitspraak maakt. Hamilton doelt vermoedelijk op het feit dat hij bij McLaren bleef en Alonso vertrok, al legde deze voormalige
McLaren-engineer uit dat vooral Hamilton niet vrijuit ging bij de onderlinge frictie.