McLaren koos dit jaar voor een opvallende livery. De Britse renstal met een oranje en blauwe kleurstelling voor een op het verleden gebaseerde bolide. Om ook de successen uit het verleden te kunnen realiseren heeft de renstal echter meer nodig dan een leuk uiterlijk. De vraag is dan ook of de nieuwe Renault-krachtbron ervoor kan zorgen dat het sterke chassis van McLaren tot z'n recht kan laten komen. Technisch directeur Tim Goss heeft in ieder geval hoop. In gesprek met GPUpdate gaf hij een analyse van de nieuwe bolide.
McLaren heeft haar ambities voor 2018 niet onder stoelen of banken geschoven. Dit jaar moet het team de aansluiting vinden met de subtop en het liefst zelfs zo nu en dan meedingen om podiumplekken. Men vestigt de hoop in de zoektocht naar succes voornamelijk op het sterke chassis en de nieuwe Renault motor die vanaf dit seizoen achterin de MCL33 ligt. Tim Goss is in ieder geval positief gestemd. 'Met de wagen van vorig jaar moesten we ons aan bepaalde beslissingen houden op het gebied van het ontwerp. Met een jaar van ervaring op het circuit hebben we begrepen dat we bepaalde basisprincipes aan moesten passen. We hebben allerlei zaken herzien en hebben dat proberen in te passen voor het chassis dat we begin dit jaar gebruiken', zo opent de technisch directeur zijn analyse.
We gaan zeker op dezelfde voet verder', vervolgt de 54-jarige Brit. 'De wagen ziet er revolutionair uit bij de onthulling en gedurende het seizoen zullen we de MCL33 blijven verbeteren. Het is altijd een focusgebied geweest voor ons, maar dit jaar hebben we extra aandacht besteed aan het leveren van een net en ordelijk pakket. Daardoor hebben de mensen die zich bezighouden met de aerodynamica meer ruimte om te spelen met het bodywork', aldus Goss.
Renault
Over het algemeen is McLaren opgelucht dat men verlost is van de Honda-krachtbron die tot vorig seizoen nog achterin de auto lag. Toch heeft de overstap naar Renault nu al voor de nodige zweetdruppels gezorgd. 'Ik ben wel een fan van de opzet van Renault, maar de overstap zorgde wel voor een grote verandering om de motor te installeren. Het voordeel met de Renault-krachtbron is dat we deze zo ver mogelijk naar voren kunnen plaatsen, maar dan zit de compressor aan de achterkant van de motor wat weer gevolgen heeft voor de uitlaat' analyseert Goss. 'We hebben de achterkant van het chassis opnieuw moeten ontwerpen, net als het versnellingsbakhuis, de achterwielophanging en de opzet van de koeling. Dat waren twee intense weken om dat helemaal goed te krijgen. Het was wel iets waar we min of meer op voorbereid waren en wisten dat het zou komen. Het is geweldig wat mensen in korte tijd kunnen bereiken wanneer je een duidelijke missie hebt', aldus de trotse technisch directeur.
De filosofie van de Honda-motor is degelijk anders dan die van Renault en dat bracht diverse complicaties met zich mee. 'De verandering is een grote geweest voor ons', voegt Goss toe. 'Zelfs nu de reglementen voorschrijven dat de motorsteunen gelijk moeten zijn voor iedere fabrikant, is het ontwerp en de opzet van de motor heel anders dan andere motoren. Er zijn twee verschillende soorten motoren. Mercedes en Honda verschillen heel erg van Ferrari en Renault. Bij ons zit nu de turbo aan de achterkant van de motor, de MGU-H zit juist vooraan', sluit Goss af.