Norris gaf na afloop van de race in Bahrein nog toe dat het resultaat helemaal niet zo slecht was vergeleken met de verwachtingen, maar in Saoedi-Arabië verscheen de Brit toch met een verslagen gezicht op het circuit. De
McLaren-bolide doet nog niet helemaal wat het team ervan verwacht en daar baalt Norris flink van, al hoopt hij toch wel dat hij gaandeweg het weekend wat meer vertrouwen kan krijgen achter het stuur.
Voor de camera bij
Formula1.com benadrukte Norris vooral dat het na de eerste twee trainingssessies nog niet overal goed voelde. ‘Ik ben best tevreden met sommige dingen, maar andere dingen wil ik graag nog aanpassen. Er zijn gewoon een aantal bochten waar ik moeite mee heb en me niet comfortabel voel omdat de balans niet helemaal goed is, en dat is op dit circuit heel frustrerend.’ Zonder vertrouwen in de auto kan een coureur op dit circuit de limieten van de baan maar moeilijk opzoeken, en daar baalt Norris logischerwijs heel erg van. ‘Ik moet daar nog hard aan gaan werken, al was dit wel een prima plek om te starten.’
Uiteindelijk rijden de
McLaren-coureurs echter niet alleen op de baan, want ook de concurrentie is druk bezig met het finetunen van de eigen bolides. Norris zag in ieder geval al wel dat het een competitief weekend gaat worden. ‘Het ligt allemaal heel erg dicht bij elkaar, al zal de volgorde wel iets anders zijn dan in Bahrein.’ Over de positie van zijn eigen team laat de McLaren-coureur echter nog niets los. ‘Ik heb nog geen idee waar we zelf staan, dat weten we pas tijdens de kwalificatie. Veel teams zijn nu sterker door de omstandigheden, dus misschien staan we nu ineens achter de concurrentie wat snelheid betreft. Maar we gaan het zien.’