Esteban Ocon heeft in Japan teruggeblikt op de nasleep van zijn
incident met Franco Colapinto tijdens de Grand Prix van China. De Fransman
erkende na afloop direct dat hij fout zat, maar daarmee verdween de commotie
allerminst. Op sociale media kreeg de Haas-coureur een stortvloed aan kritiek
over zich heen, terwijl ook binnen de Formule 1-wereld opnieuw discussie
ontstond over de grens tussen emotionele fanreacties en online misbruik
richting coureurs. Het voorval kreeg extra aandacht doordat Colapinto op dat
moment onderweg leek naar een bijzonder sterk resultaat. De Argentijn
profiteerde eerder in de race van de omstandigheden en had zich in een
uitstekende positie gemanoeuvreerd voor een top tien-finish. Toen Ocon bij het
uitrijden van de pitstraat zijn kans rook en aan de binnenkant van bocht 1
opdook, ging het echter mis. Beide auto’s spinden, waarna vooral Ocon stevig
onder vuur kwam te liggen in Argentinië.
Geen onderlinge haat
De Haas-coureur maakte na afloop direct duidelijk dat hij
geen excuses zocht voor het moment. “Er is natuurlijk veel gebeurd”, vertelde
Ocon aan de aanwezige media in
Suzuka. “Eerlijk gezegd heb ik er niet al te
veel aandacht aan besteed, maar ik heb wel gezien wat er online gebeurde.”
Daarbij benadrukt de Fransman dat zijn prioriteit niet lag bij de publieke
reacties, maar bij de coureur die hij had geraakt. “Voor mij was het
belangrijkste om direct met Franco te praten, om hem te zeggen wat ik ervan
vond en dat het me speet, omdat het mijn fout was.”
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Colapinto wist in China uiteindelijk wel zijn eerste punten te pakken voor Alpine.
Dat gesprek verliep volgens Ocon zonder problemen. De
Fransman wilde vooral zo snel mogelijk duidelijk maken dat hij
verantwoordelijkheid nam voor de botsing en het incident niet probeerde weg te
wuiven. “We hebben goed gesproken, alles was natuurlijk in orde tussen ons”,
aldus Ocon. Daarmee was de sportieve kant van de zaak voor hem in feite
afgehandeld. “Ik ben blij dat hij
alsnog een goede race had en punten wist te scoren.”
Ook FIA bemoeit zich er mee
Opvallend genoeg bleef het niet alleen bij reacties van
buitenaf. Ocon onthulde namelijk dat hij na het incident ook steun ontving
vanuit de
FIA. “De FIA en de president hebben me daarna een brief gestuurd, dus
het is zeker onderwerp van gesprek geweest”, vertelt hij. Daarmee verwijst de
Fransman naar
Mohammed Ben Sulayem, die zich de afgelopen jaren nadrukkelijk
heeft uitgesproken tegen online haat binnen de autosport. Dat Ocon nu
persoonlijk een brief ontving, laat zien dat de bond het onderwerp steeds serieuzer
lijkt te benaderen.
Die reactie van de FIA past binnen een breder beleid dat al
eerder werd ingezet. Ben Sulayem lanceerde in 2023 de campagne United
Against Online Abuse, nadat een steward na de Grand Prix van de Verenigde
Staten doelwit werd van online trollen en beledigingen. Sindsdien probeert de
autosportbond vaker een signaal af te geven dat digitale intimidatie geen
onvermijdelijk bijproduct van topsport hoort te zijn. In het geval van Ocon
kreeg dat beleid nu opnieuw een concreet gezicht, juist omdat een relatief
regulier race-incident uitmondde in een golf van scheldpartijen online.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Het is niet voor het eerst dat Ocon online negatieve reacties krijgt.
Ocon zelf laat er weinig twijfel over bestaan hoe hij naar
die reacties kijkt. “Alle vormen van online misbruik die we hebben gezien,
mogen absoluut niet worden getolereerd en zouden zware consequenties moeten
hebben”, stelde hij. De Fransman vindt dat er binnen de sport geen ruimte mag
zijn voor dat soort gedrag, ongeacht de emotie van het moment. “Het hoort niet
thuis in de sport, en zeker niet in onze sport.” Daarmee schaart Ocon zich
nadrukkelijk achter de roep om strengere maatregelen tegen online ontsporingen.
Daarbij gebruikte hij ook opvallend scherpe woorden voor de
mensen die hem via sociale media aanvielen. “Maar ja, dat zijn
toetsenbordhelden, zo zijn ze nu eenmaal”, stelt Ocon. De Fransman verwacht
bovendien niet dat het probleem vanzelf verdwijnt. “Ik denk dat dit in de
toekomst alleen maar vaker zal voorkomen en dat er waarschijnlijk ook strengere
gevolgen voor deze mensen zullen komen.”