Lewis Hamilton won afgelopen zondag in MAXico zijn vierde wereldtitel. De Brit deed dat door als negende over de finish te komen en 'verbeterde' daarmee een officieel Formule 1-record.
Namelijk dat van 'laagste finish die goed genoeg is voor de wereldtitel'. Dat record was in handen van Michael Schumacher die in 2003 zijn wereldtitel behaalde door als achtste over de finish te komen na een rommelige race in Japan.
Sebastian Vettel had in 2012 aan een zesde plaats genoeg om zijn derde opeenvolgende wereldtitel veilig te stellen. Op Interlagos onder wisselende omstandigheden moest de Duitser een flinke inhaalrace rijden nadat hij in de openingsfase in botsing was genomen met Bruno Senna. Na zeven rondjes lag Vettel echter alweer zevende, maar daar stokte zijn opmars. Titelconcurrent Alonso streed om de overwinning met McLaren-coureur Jenson Button en leek de titel van Vettel af te kunnen pakken, maar bij het vallen van de vlag won Button van Alonso en werd Vettel zesde, genoeg om met drie punten voorsprong opnieuw wereldkampioen te worden.
De vijfde plaats is een erg populaire plek om de wereldtitel te pakken. In een grijs verleden werden Nelson Piquet en Keke Rosberg na een vijfde plaats gekroond tot wereldkampioen. In een meer recenter verleden zijn twee Britten, toevalligerwijs allebei rijdend met startnummer 22, met een vijfde plaats wereldkampioen geworden. De ene was Lewis Hamilton die in 2008 na een superspannende finalerace in Brazilië in de allerlaatste bocht van het seizoen Timo Glock passeerde en zo vijfde werd waardoor niet Felipe Massa, maar hij met één punt voorsprong wereldkampioen werd. De ander was Jenson Button die in 2009 aan een vijfde plaats op Interlagos, na als veertiende te zijn gestart, genoeg had om teamgenoot Rubens Barrichello (jaja, hij is ooit echt in de positie geweest) uit te schakelen voor de wereldtitel.