McLaren kende in de kwalificatie voor de Grand Prix van
China opnieuw een degelijke, maar niet doorslaggevende zaterdag. Oscar Piastri
en Lando Norris kwamen niet verder dan de vijfde en zesde startplek, terwijl
Mercedes met Kimi Antonelli en George Russell de volledige eerste startrij
opeiste. Ferrari zat daar met Lewis Hamilton en Charles Leclerc opnieuw
tussenin, waardoor McLaren voorlopig moet erkennen dat het nog altijd een stap
tekortkomt om echt mee te doen om pole position. Die achterstand lijkt volgens teambaas
Andrea Stella ook
niet alleen te verklaren door de veelbesproken nieuwe motorregels van 2026.
Natuurlijk is energiebeheer nog altijd een grote factor, zeker over één ronde,
maar Stella wijst er nadrukkelijk op dat McLaren ook gewoon naar zichzelf moet
kijken. Volgens de Italiaan zit een belangrijk deel van het verschil met
Ferrari en
Mercedes nog altijd in de auto zelf, en dan met name in de
prestaties van het chassis. Tegelijk liet de sprintrace zien dat het veld dichter
bij elkaar zit zodra de race eenmaal op gang komt.
Niet snel genoeg
Stella geeft na de kwalificatie tegenover onder meer F1Maximaal.nl vrij open toe waar McLaren het meeste
werk te verrichten heeft. ‘We richten ons vooral op onszelf. We weten dat we
ook een stap vooruit moeten zetten, want het grootste deel van het gat naar
Ferrari en Mercedes heeft te maken met de prestaties van het chassis.’ Daarmee
maakt hij duidelijk dat McLaren zich niet wil verschuilen achter het verhaal
van de nieuwe power units, hoe groot de invloed daarvan op de pikorde ook is.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
McLaren komt voorlopig nog tekort om mee te doen om de prijzen.
Toch gaat Stella ook uitgebreid in op een onderwerp dat al
sinds Melbourne voor discussie zorgt: de manier waarop coureurs in de
kwalificatie soms bijna tegen hun instinct in moeten rijden om een goede
rondetijd neer te zetten. Volgens de McLaren-teambaas is dat inmiddels een van
de merkwaardigste bijwerkingen van het nieuwe reglement. ‘In de kwalificatie
heb je inderdaad nog steeds aspecten van het rijden die voor coureurs onnatuurlijk kunnen aanvoelen. Soms zeggen onze coureurs zelfs dat wanneer
ze een fout maken, ze eigenlijk energie sparen. Daardoor ga je over een sector
uiteindelijk sneller, omdat de energie die je hebt bespaard door iets later op
het gas te gaan, je aan het einde van het rechte stuk terugbetaalt.’
Dat raakt volgens Stella aan een veel grotere vraag dan
alleen een technisch detail in de afstelling van de auto’s. Voor hem gaat het
inmiddels over de kern van wat Formule 1 moet zijn. ‘Dan kom je veel meer uit
bij de vraag of we trouw willen blijven aan het traditionele DNA van de
autosport. Accepteren we dat zo’n onnatuurlijke situatie nu eenmaal bij deze
tak van sport hoort, of niet?’ Stella noemde dat niet alleen een technische,
maar vooral ook een filosofische kwestie, waarbij volgens hem zowel fans als
coureurs een stem moeten hebben.
Positieve aspecten
Opvallend genoeg is Stella niet uitsluitend negatief over
wat de nieuwe regels hebben gebracht. Waar vooraf veel vrees bestond dat
inhalen haast onmogelijk zou worden, ziet hij in de races juist tekenen dat het
spektakel best meevalt. ‘We leren veel van deze nieuwe reglementen.
Bijvoorbeeld dat we dachten dat inhalen moeilijk zou worden, maar ik moet
zeggen dat we behoorlijk wat inhaalacties zien zodra de race eenmaal op gang
komt.’ Dat past ook bij het beeld in China, waar de sprintrace wel degelijk gevechten om de koppositie liet
zien.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
De sprintrace had genoeg gevechten in de kop van het veld.
‘Ik denk dat de middelen om te reageren er nu
zijn. Ik denk dat we de regels inmiddels goed genoeg begrijpen om te weten hoe
we een paar aanpassingen kunnen doen.’ Anderzijds legt hij de
verantwoordelijkheid nadrukkelijk bij de beleidsmakers. ‘Het is nu aan de FIA
en aan
F1 om alle feedback te verzamelen, een compleet beeld te vormen en te
beslissen of er iets veranderd moet worden.’