Max Verstappen is geen fan van terugblikken, maar moet er in de Talking Bull-Podcast toch echt aan geloven. De Nederlander kijkt liever vooruit
dan achterom, ook wanneer hem wordt gevraagd wat hij tegen een jongere versie
van zichzelf zou zeggen. Het antwoord is even helder als typerend: niets.
Verstappen heeft geen behoefte om zijn verleden te corrigeren of fouten glad te
strijken, omdat juist die momenten hem hebben gevormd tot de coureur die hij nu
is. Die houding verraadt een diepgewortelde overtuiging. Voor
Verstappen zit vooruitgang niet in perfectie, maar in frictie. Wie alles vooraf
weet, verliest spanning en scherpte. Wie nooit faalt, leert nooit. Het idee dat
succes maakbaar is via een foutloos pad, wijst hij resoluut van de hand.
Volgens Verstappen wordt het leven, en zeker in de Formule 1, pas interessant
wanneer je wordt getest. Zonder weerstand dreigt gemakzucht, en gemakzucht is
dodelijk in topsport.
2018 is een belangrijk jaar
Wanneer hij verder ingaat op dat principe, wordt zijn visie
concreter. ‘Als je alles van tevoren weet, wordt het heel saai’, stelt
Verstappen. ‘Dan word je ook lui.’ Juist de moeilijke momenten zorgen ervoor
dat je alert blijft. ‘Je leert het meest van tegenslag in het leven’, benadrukt
hij. Advies kan helpen, maar is volgens hem vaak niet voldoende. ‘Soms moet je
de fout gewoon zelf maken, zodat je hem daarna niet meer maakt.’
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Verstappen had het aan het begin van 2018 zwaar.
Op de vraag welk seizoen hem het meest heeft geleerd, komt
het antwoord zonder aarzeling. ‘2018, zeker het begin van het jaar’, zegt Verstappen. De eerste
races van dat jaar verliepen rommelig, met meerdere incidenten en fouten. ‘De
eerste zeven of acht races ging het gewoon niet goed’, blikt hij terug. De druk
nam toe en daarmee ook de frustratie. ‘Je komt in een negatieve spiraal, je
gaat harder pushen en dan werkt het juist niet.’
Die fase hakte erin. Verstappen erkent dat hij zichzelf in
die periode hard veroordeelde. ‘Ik was echt boos op mezelf’, zegt hij. Toch
bleek juist dat innerlijke conflict noodzakelijk. Hij moest leren om de
controle terug te pakken, niet door minder snel te rijden, maar door slimmer te
handelen. ‘Ik moest het omdraaien’, legt hij uit. Vanaf dat moment veranderde
zijn benadering, zowel mentaal als op de baan.
Volgens Verstappen was zijn overwinning in Oostenrijk dat jaar het punt waarop alles samenkwam. ‘Vanaf
die dag klikte het’, zegt hij. De agressie bleef, maar werd beter gedoseerd.
Het rauwe talent werd gekoppeld aan beheersing en overzicht. Die combinatie
bleek cruciaal voor zijn latere successen. De fouten uit 2018 verdwenen niet
uit zijn geheugen, maar werden een referentiekader. Ze fungeerden als
waarschuwing én als fundament voor zijn volwassenheid als coureur.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Verstappen begint vroeg met het plagen van zijn nieuwe teamgenoot.
Verstappen plaagt Hadjar
Die gedachtegang herkent Verstappen ook bij jongere rijders
die nu dezelfde weg bewandelen. Hij ziet parallellen bij toekomstige teamgenoot
Isack Hadjar, die
eveneens te maken kreeg met een lastig begin op een hoger niveau. Zonder die
moeilijke momenten zou een coureur volgens Verstappen nooit volledig worden
gevormd. Het gesprek eindigt met een luchtige noot. Verstappen
vertelt dat hij Hadjar kort sprak over diens testdag in Abu Dhabi. ‘Ik vroeg of hij het leuk
vond. Het leek van wel, ik was een beetje jaloers', is hij cynisch. '
Thank God dat ik niet hoefde te testen.'