Toto Wolff is van mening dat zijn Mercedes-team de wispelturige W15 steeds beter begrijpt. Volgens de Oostenrijkse teambaas zoekt de renstal nu wel de oplossingen voor de aanhoudende downforce-problemen in de juiste hoek, en hoopt hij dat Mercedes gauw de vicieuze cirkel kan doorbreken. Het Formule 1-seizoen van 2024 is wederom niet begonnen zoals
Mercedes dat graag had gewild. Coureurs
Lewis Hamilton en
George Russell weten niet de gehoopte resultaten te behalen, mede dankzij de aanhoudende problemen rondom het gebrek aan
downforce. Mercedes hoopte eerst de oplossing voor deze problemen te vinden door het correlatieprobleem tussen de windtunnel en de racebaan op te lossen, maar denkt nu dat het echter toch niet de correlatie is, maar een probleem van mechanische aard.
Mercedes-teambaas Wolff benadrukt nogmaals dat zijn team nog altijd voor een raadsel staat betreffende de problemen rondom de W15. 'We meten de
downforce met sensoren. De gegevens
zeggen ons dat we in een bepaalde bocht in Melbourne zeventig punten
meer
downforce hadden dan vorig jaar het geval was. Maar qua rondetijd
zijn we niets sneller. Dat slaat nergens op. Dus wat is de beperkende
factor?', vraagt Wolff zich af, tegenover
de Nederlandse tak van Motorsport.com.
Mercedes begrijpt W15 steeds beter
Ondanks dat
Mercedes wederom niet heel indrukwekkend overkwam in Japan, met de zevende plaats voor Russell en
een P9 voor Hamilton, ziet Wolff wel vooruitgang bij zijn team in het begrijpen van de W15. 'Al twee jaar lang zien we dingen die erop wijzen dat er veel meer
downforce zou moeten zijn dan daadwerkelijk het geval is', vertelt Wolff. 'We hebben de
downforce nu gemeten, en het is er gewoon. We kunnen het echter niet
omzetten in rondetijd. Dat is natuurlijk cruciaal.'
Volgens Wolff moet zijn renstal daarom nu een oplossing gaat vinden aan de mechanische kant van de
Mercedes-bolide, en ervoor zorgen dat deze aspecten veel beter op één lijn liggen met de aerodynamica. 'De auto is
zo complex voor ons', verzucht Wolff. 'De aerodynamische en de mechanische balans moeten
correleren. We hebben de afgelopen jaren een bepaalde weg gevolgd. We
bleven maar in rondjes gaan, totdat we op het punt kwamen waarop we
zeiden:
Oké, hier moet iets aan gedaan worden.'