De wintertest is altijd een rare mix van hoop, geheimhouding
en keihard doorwerken, maar bij McLaren lijkt de basis in elk geval op orde.
Oscar Piastri stapte na voor het laatst dit jaar een ochtend rijden relatief vlot uit de auto en kon
meteen aanschuiven voor de media. De toon: nuchter, maar met een sprankje
vertrouwen. Geen borstklopperij, wél het gevoel dat er stappen worden gezet
richting de eerste race. Dat optimisme is niet zomaar. In een jaar waarin de regels
flink veranderen, draait testen niet alleen om snel rondetijden rijden, maar
vooral om begrijpen wat je in handen hebt. Teams proberen set-ups, onderdelen
en ideeën die op papier geweldig lijken, maar op de baan ineens tegenvallen.
Juist dan is betrouwbaarheid goud waard: hoe meer ronden je rijdt, hoe sneller
je patronen ziet en hoe eerder je goede richtingen kunt onderscheiden van
doodlopende straatjes.
Geen koploper
Piastri liet dan ook doorschemeren dat de stemming intern
beter wordt. ‘Ik denk dat we langzaam wat optimistischer worden’, vertelt hij op de
persconferentie in Bahrein,
waarbij hij meteen de typische test-rem erop zette: niet te veel praten over
pure performance. Het is precies de houding die je verwacht van een team dat
denkt dat het er goed voorstaat, maar ook weet dat je jezelf met één verkeerde
conclusie meteen voor schut kunt zetten.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Piastri kon zijn rondjes redelijk probleemloos afwerken.
Over het verloop van de test is Piastri helder. ‘Het testen
is voor ons in elk geval soepel verlopen. We hebben veel ronden kunnen rijden
en veel dingen geleerd, zowel goede als slechte.’ Daarbij hoort volgens hem ook
dat je bewust misstappen maakt. ‘Met zo’n grote reglementsverandering probeer
je ook veel slechte dingen naast de goede, en alles wat je vóór de eerste race
kunt ontdekken is belangrijk.’ Het klinkt als een cliché, maar het verschil is:
McLaren had door de betrouwbaarheid van de auto de luxe om die lijst ook echt af te werken.
Tegelijk wil Piastri geen beeld schetsen alsof de
papajakleurige auto nu al de maatstaf is, wat ze vorig jaar wel waren. ‘Ik zou niet zeggen dat we het veld
aanvoeren, absoluut niet, maar ik heb het gevoel dat we er niet slecht bij
zitten.’ Dat is precies zo’n zin waar concurrenten weinig aan hebben, maar die
intern wel iets verraadt: het team ziet genoeg signalen om met vertrouwen door
te bouwen, zonder zichzelf tot favoriet te bombarderen.
Nieuwe lessen
Interessant is vooral wat Piastri zegt over de coureurskant.
De nieuwe auto’s vragen blijkbaar om een andere manier van rijden en denken, en
dat gaat niet vanzelf. ‘Het is zeker een leercurve. Er zijn nog dingen die we
als coureurs moeten doen die heel anders zijn dan wat we vorig jaar moesten
doen.’ Dat is een belangrijk detail, want zelfs als de auto potentie heeft,
moet die potentie ook ‘vrijgespeeld’ worden door de rijstijl en de tools die
een team de coureur geeft.
Daarbij gaat het om optimaliseren in de breedte: hoe je
instuurt, hoe je energie beheert, hoe je de auto positioneert in gevechten, maar
ook hoe het team de auto afstelt om die rijstijl mogelijk te maken. ‘De
optimalisatie rondom op die manier rijden is ingewikkeld, we krijgen de nieuwe dingen steeds
beter in ons hoofd. En als teams passen we ons aan aan het feit dat je nu op
een bepaalde manier moet rijden', vertelt de Australiër. Dat is code voor: het wordt een puzzel, en
die puzzel is nog niet af.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
McLaren lijkt wel een van de betere auto's gebouwd te hebben.
Toch ziet hij vooruitgang, zowel in prestaties als in hoe
‘prettig’ de auto aanvoelt. ‘Ik denk dat het is verbeterd. Het is nog steeds
heel anders dan wat we gewend waren. Natuurlijk
hebben we allemaal performance gevonden, en met performance zijn ook wat comfortdingetjes iets fijner geworden.’ Meer snelheid maakt een auto niet
automatisch makkelijk, maar het helpt wel als je net iets minder op het randje
hoeft te balanceren.
Waar eindigt dat allemaal? Nog nergens definitief. Dat is
precies Piastri’s punt. De wintertest is informatie verzamelen, geen prijzen
uitdelen. ‘We gaan zien hoe Melbourne is’, sluit hij af. Dat is meteen de echte
test: als het licht uitgaat in zijn thuisrace, verdwijnen de excuses, en wordt duidelijk of optimistisch ook echt betekent dat je aan de scherpe kant mee kunt vechten en weten we eindelijk waar iedereen staat.