De F1 Academy begint aan haar vierde jaar, ditmaal met Nina Gademan en Esmee Kosterman op de grid onder de Nederlandse vlag. De raceklasse werd opgericht niet lang nadat de W Series failliet ging en heeft als doel het creëren van kansen en zichtbaarheid voor vrouwelijke coureurs. De naam suggereert dat het een opstap is naar de Formule 1, maar hoe groot is de kans dat we, op korte of lange termijn, een vrouw in de Formule 1 zullen zien?
Vrouwen in de Formule 1, hoe zit dat ook alweer? (Ladies and) gentlemen, a short view back to the past: In de geschiedenis van de Formule 1 hebben er een aantal vrouwen deelgenomen aan de prekwalificaties voor een Grand Prix, waarvan slechts twee uiteindelijk ook races hebben gereden. Destijds werkte het systeem nog anders en was er dus niet één vaste grid, waardoor er in principe elk weekend onder de langzamere teams andere namen aan de start konden staan.
Maria Teresa de Filippis was actief binnen de Formule 1 in 1958 en 1959, toen de raceserie nog in de kinderschoenen stond. Vijf keer nam ze deel aan het Formule 1-weekend, waarvan ze drie keer daadwerkelijk mocht starten. Men maakte het haar niet makkelijk. Zo werd haar deelname aan de Franse Grand Prix van 1958 geweigerd. ‘De enige helm die een vrouw zou moeten dragen, is die bij de kapper’, zou de racedirecteur volgens haar gezegd hebben.
Slechts één vrouw pakte ooit punten (of eigenlijk: een halve)
De Filippis bleef puntloos, maar dat gold niet voor de volgende vrouw die zich de Formule 1 binnen wist te rijden. Lella Lombardi was actief tussen 1974 en 1976 en stond zeventien keer ingeschreven en mocht twaalf keer daadwerkelijk starten. In 1975 wist ze tijdens de Spaanse Grand Prix zelfs een half punt te pakken, wat haar vooralsnog de enige vrouw maakt die ooit in de punten eindigde in de Formule 1.
Wanneer men tegenwoordig denkt aan vrouwen in de Formule 1, dan zullen de gedachten niet meteen de kant van De Filippis en Lombardi op gaan. Misschien doet de naam Giovanna Amati wel een belletje rinkelen. Zij was de laatste vrouw die poogde zich te kwalificeren, maar geen van haar drie pogingen leidde tot een succes. Saillant detail: bij haar laatste poging haalde ook haar teamgenoot Eric van de Poele het niet en haar uiteindelijke opvolger
Damon Hill kwalificeerde pas bij zijn zesde poging.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Amati's opvolger, Hill, kende ook een moeizame start. Later pakte hij een wereldtitel.
Wiens naam wel nog altijd veel bekendheid heeft, is uiteraard Susie Wolff. In 2013 was ze actief als ontwikkelingscoureur voor
Williams en was ze dat ook in 2014 en 2015. Wolff reed enkel vrije trainingen voor het team en geldt tot op de dag van vandaag als de laatste vrouw die deelnam aan een Formule 1-weekend. Toen Wolff haar racehelm aan de wilgen hing, sprak ze de intentie uit om andere vrouwen in de motorsport te helpen.
Die belofte heeft Wolff waargemaakt. In 2023 werd ze aangesteld als directeur van de nieuwe raceklasse
F1 Academy, die na het eerste seizoen vooral achter gesloten deuren te hebben gereden sinds 2024 deel uitmaakt van de Formule 1-weekenden. Meerdere Formule 1-coureurs hebben hun steun uitgesproken voor de serie en vooral
Lewis Hamilton en de twee
Mercedes-coureurs zijn regelmatig toeschouwer, waarbij het succes van 2025-kampioen Doriane Pin uiteraard een rol speelt.
Steeds meer kansen voor vrouwen
Echt denderende resultaten heeft de serie nog niet geleverd, maar dat is geen grote verrassing voor zo’n nieuwe klasse. Wel leverde het de kampioenen kansen op. Zo mogen ze deelnemen aan FRECA en hebben meerdere F1 Academy-coureurs deelgenomen aan de Formula E Women’s Test. Hier deden vrouwen uit verschillende raceklasses en met verschillende niveaus van ervaring aan mee. Chloe Chambers, overigens gemanaged door Fernando Alonso, deed hier de beste zaken.
Het zijn kleine stapjes, maar wel nodige stapjes. De ‘reguliere’ weg heeft de laatste tijd ook geen vrouw in de buurt van de Formule 1 gebracht. In de afgelopen jaren waren Sophia Flörsch en Tatiana Calderón de coureurs die het dichtst in de buurt kwamen. Flörsch reed meerdere jaren in de
Formule 3, maar ondanks enkele goede prestaties bleef ze vaak ver buiten de punten en reed ze nooit voor een van de beste teams. Calderón ging het in de
Formule 2 nog minder goed af.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Flörsch kwam de afgelopen jaren het dichtste bij, maar kwam niet eens in de buurt van een F2-zitje.
Wie kan het dan wel halen? Feit is: om kans te maken op een zitje in de Formule 1 moet je als jongen of man naast talent ook een hoop geluk en veel geld hebben, want het percentage coureurs dat de hogere klassen haalt is klein. Bovendien blijven veel coureurs lang in de Formule 1 rijden; veertigers Alonso en Hamilton zijn hier uiteraard klinkende voorbeelden van, met debuutraces in respectievelijk 2001 en 2007. Het aantal beschikbare stoeltjes is dus klein, waardoor Formule 2-kampioenen regelmatig naast een zitje grijpen.
Vrouwen worden nog minder vertegenwoordigd in het karten en de motorsport, dus een vrouw moet exceptioneel goed zijn om in de buurt te komen van de koningsklasse. Meervoudig W Series-winnares
Jamie Chadwick haalde de serie bijvoorbeeld nooit, waarbij het zeker niet hielp dat ze met haar zeges nooit genoeg superlicentiepunten haalde. De vrouw die op de korte termijn de beste papieren heeft is wellicht Pin, al is de kans dat zij het haalt ook klein.
Pin heeft de beste papieren van haar generatie
De Française ziet de Formule 1 nog altijd als hoofddoel, maar is ook realistisch over haar kansen en de eventuele weg ernaartoe. Ze heeft daarbij één grote geluksfactor: ze wordt gesteund door Mercedes, uiteraard gerund door teambaas
Toto Wolff, de echtgenoot van de F1 Academy-directrice. De Oostenrijker laat zich regelmatig positief uit over Pin en het schijnt dat ze ook kansen krijgt die enkele andere F1 Academy-coureurs met steun van Formule 1-teams niet kregen.
Pin heeft ondanks haar jonge leeftijd, ze is namelijk pas net 22 geworden, al veel ervaring, al was dit vooral in het endurance-racen. Ze maakt ook al jaren deel uit van de Iron Dames. In 2023 waagde ze zich voor het eerst aan single-seaters door twee van de vier rondes mee te doen aan het Formule 4 Zuidoost-Azië-kampioenschap, waar ze met drie podiums en een zege een tweede plek pakte in het kampioenschap, achter een coureur die wel alle vier de rondes meedeed.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Pin is de F1 Academy-kampioen van 2025, maar hoe nu verder?
Een zeer goed palmares voor een vrouwelijke coureur van haar leeftijd. Ze is inmiddels bezig in de sim van Mercedes en indien dit goed gaat, mag ze een Formule 1-auto testen, waarschijnlijk in een zogenoemde testing previous car-test, iets wat meerdere Formule 1-testcoureurs in het verleden ook hebben gedaan. Een echt grote stap richting de koningsklasse is dat zeker niet, maar het is en blijft een stap.
Om als vrouw überhaupt kans te maken, moet je dus net als alle mannen om mee te beginnen een ideaal profiel hebben, waarbij geld en geluk, zoals eerder gezegd, naast talent van groot belang zijn. Hoewel het percentage vrouwen in kartseries groeit en er veel initiatieven worden opgezet om vrouwen in de racerij te ondersteunen (zoals Discover Your Drive), zijn er nog maar weinig vrouwen die alle nodige vakjes van talent tot en met financiële steun en van ervaring tot en met buitenkansjes kunnen afvinken.
If you want to win, get a Fin
Een voorbeeld van een vrouwelijke coureur die wellicht nog niet alle, maar wel veel vakjes af kan vinken, is Ella Häkkinen. Ze zit in een ideale positie met een tweevoudig Formule 1-wereldkampioen als vader en beschikt hierdoor ook over geld en de juiste middelen om haar racecarrière te bekostigen. Vader Häkkinen is erg trots op zijn dochter en heeft wel eens gezegd dat hij daadwerkelijk Formule 1-potentieel in haar ziet.
Als vader moet je uiteraard je dochter steunen, maar als kampioen van 1998 en 1999 heeft hij ook zeker verstand van zaken. ‘Ella is een extreem getalenteerde coureur’, stelde Häkkinen ooit tegenover de Finse media. ‘Ik zeg dit niet alleen als vader, maar op basis van mijn observaties als voormalig topcoureur’, benadrukte hij daarbij. Mooie woorden, en een Formule 1-kampioen als vader hebben is uiteraard ideaal.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
McLaren zag veel in de toen 14-jarige Häkkinen en nam haar als jongste coureur op in het Driver Development Programme.
Dankzij haar vader zijn er voor de jonge coureur connecties die veel andere coureurs niet hebben. De voornaamste daarvan is de link met
McLaren. Häkkinen is pas nog vijftien geworden en is dus nog te jong voor een plekje in de F1 Academy. Toch heeft McLaren haar als jongste coureur opgenomen in hun ontwikkelingsprogramma, met het doel om haar in 2027 in single-seaters te laten racen. De resultaten liegen er bovendien ook niet om: de Finse pakte in heel Europa podiums en zeges.
Mochten we de komende jaren een vrouw zich een weg zien banen door de raceklassen die leiden naar de Formule 1, dan is het zeer waarschijnlijk een coureur zoals de jonge Häkkinen. Iemand die het ideale profiel heeft van bewezen talent, de juiste middelen en connecties en bovendien ook de weg naar de top kan bekostigen (wat Finse sisu komt uiteraard ook van pas). Daarnaast zal een kandidaat-coureur keihard moeten trainen om met de G-krachten om te gaan.
Echte toekomstmuziek of slechts een droom?
Feit is dat veel vrouwelijke coureurs die momenteel in de F1 Academy rijden of hebben gereden te laat de stap hebben gemaakt, of hebben kunnen maken, naar hogere klassen en single-seaters. Op de korte termijn is een vrouw in de Formule 1 dus slechts een droom. Maar met het groeiende aandeel onder karters, de zichtbaarheid die de F1 Academy en andere initiatieven geven en de juiste voorbereiding vanaf jonge leeftijd, is er geen enkele reden dat we op de lange termijn geen vrouw zouden kunnen zien in de Formule 1.