Emerson Fittipaldi ziet in Max Verstappen eigenschappen terug die hem doen denken aan Ayrton Senna. De tweevoudig wereldkampioen benadrukt dat coureurs uit verschillende generaties eigenlijk nauwelijks één op één met elkaar te vergelijken zijn, maar maakt voor Verstappen toch een duidelijke uitzondering. In een exclusief interview noemt hij de Nederlander de huidige coureur die volgens hem het dichtst bij Senna komt, vooral door wat Verstappen met minder competitief materiaal kan bereiken. Fittipaldi weet als weinig anderen wat Senna voor de Braziliaanse autosport betekende. Zelf werd hij in 1972 de eerste Braziliaanse wereldkampioen in de
Formule 1 en twee jaar later pakte hij opnieuw de titel. Senna maakte pas na het vertrek van Fittipaldi zijn debuut en zou uiteindelijk drie wereldtitels veroveren. Gevraagd welke huidige coureur eigenschappen van zijn landgenoot bezit, hoeft Fittipaldi uiteindelijk niet lang te zoeken naar één specifieke naam.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Emerson Fittipaldi is een groot coureur.
Verstappen springt er volgens de Braziliaan duidelijk uit, al wil hij de vergelijking voorzichtig formuleren. “Het is moeilijk om te zeggen. Iedereen is anders”, begint Fittipaldi. Vervolgens maakt hij zijn voorkeur duidelijk. “Ik zou zeggen dat Max het dichtst bij Ayrton komt. Maar je kunt ze niet vergelijken”, zo legt hij uit tegenover F1Maximaal.nl Daarmee plaatst hij Verstappen nadrukkelijk in een bijzonder rijtje, zonder te beweren dat de Nederlander simpelweg een moderne versie van Senna is.
Fittipaldi ziet vooral één kwaliteit waardoor Verstappen hem aan Senna doet denken. “Max kan een auto die niet heel goed is nog steeds heel snel rijden en toch goede resultaten neerzetten”, legt hij uit. Juist het vermogen om boven het materiaal uit te stijgen, maakt volgens hem het verschil. Verstappen hoeft dus niet noodzakelijk over de beste auto van het veld te beschikken om zich vooraan te melden en een resultaat te behalen.
Senna kwam uit een compleet andere tijd
De Formule 1 waarin Fittipaldi en later Senna reden, verschilde volgens de Braziliaan tegelijkertijd enorm van de huidige sport. Vooral het gevaar speelde vroeger voortdurend een rol. “Ik denk dat de coureurs uit mijn tijd met een ander perspectief naar de paddock kwamen”, vertelt hij. “Wanneer we aankwamen, wisten we niet wie er aan het einde van het jaar nog zou zijn. Het was heel zwaar.” Die werkelijkheid bepaalde volgens hem ook de verhoudingen tussen coureurs.
Fittipaldi herinnert zich daardoor een veel hechtere groep rijders. “Wij coureurs waren heel close met elkaar, omdat we dat enorme veiligheidsprobleem hadden”, legt hij uit. “Er was in mijn tijd veel kameraadschap tussen de coureurs.” De huidige generatie beschikt volgens hem over minstens zoveel talent, maar groeit op in een compleet andere omgeving. “De coureurs zijn nu heel getalenteerd, net als in mijn tijd, maar ze hebben een ander perspectief op veiligheid.”
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Verstappen is actief in een compleet ander tijdperk.
Verstappen steekt voor Fittipaldi ook binnen die moderne generatie boven het veld uit. De Braziliaan is vooral blij dat veiligheid inmiddels een veel minder dominante zorg is dan tijdens zijn eigen loopbaan. “Godzijdank is het nu veel veiliger dan vroeger”, zegt hij. Daarna wijst hij opnieuw naar de kwaliteit aan de voorkant van het veld. “Ieder jaar heb je vier of vijf coureurs die uitzonderlijke talenten zijn in de Formule 1.”
Fittipaldi maakt vervolgens duidelijk waar Verstappen volgens hem binnen die groep staat. “Max is vandaag de dag, naar mijn mening, nog steeds de beste coureur.” Dat oordeel sluit aan bij zijn eerdere vergelijking met Senna. Niet omdat beide coureurs volgens hem identiek zijn, maar omdat Verstappen hetzelfde vermogen bezit om met een auto die niet optimaal functioneert toch snelheid en resultaten te produceren die volgens Fittipaldi niet iedere coureur uit het materiaal zou kunnen halen.
De techniek maakt vergelijken tussen generaties volgens Fittipaldi bovendien nog ingewikkelder. “In mijn tijd moest je heel sterk kunnen aanvoelen wat de auto deed en vervolgens vertellen wat je voelde”, legt hij uit. Tegenwoordig beschikken teams over veel uitgebreidere informatie. “Nu hebben ze al die engineering erbovenop, waardoor je veel preciezer kunt zien hoe de auto functioneert.” Dat verandert volgens hem ook de verhouding tussen de coureur en zijn technische omgeving.