Martin Brundle heeft gemengde gevoelens over de nieuwe
regelgeving van 2026, waarover recent meer bekend werd gemaakt. De Brit ziet positieve
punten, maar maakt zich ook zorgen over het minimumgewicht, wat ook door veel
coureurs en teambazen aangekaart werd. ‘Juich niet te vroeg’, zegt hij in zijn
column voor Sky Sports. ‘Ik ben graag positief over zulke dingen, omdat het vaak
goedkomt wanneer de FIA, de Formule 1 en de teams hun talenten en middelen
bundelen’, begint Brundle. De journalist geeft daarmee aan dat er in het
verleden ook wel zorgen waren over nieuwe regelgevingen, maar het vaak tot een goed einde gebracht werd. ‘De Formule 1 heeft de afgelopen decennia vaker moeten evolueren om relevant te blijven en
mensen te kunnen blijven vermaken', vervolgt de Brit. 'Dat is het voornaamste doel.'
Toch ziet Brundle ook de zorgen van de teams. ‘Ze vrezen dat
de auto’s in de bochten te langzaam zullen zijn door het nieuwe aerodynamicaformat’,
zegt de Brit. Zelf ziet hij andere zaken die voor problemen kunnen zorgen. ‘Ik
zou me persoonlijk vooral zorgen maken over de beweeglijke voor- en
achtervleugels, mochten deze niet terugbewegen naar de juiste positie door
brokstukken, schade of een defect’, aldus Brundle.
Brundle voorspelt grote uitdagingen voor de teams
‘Het probleem is bovendien dat op circuits met veel lange
rechte stukken en rempunten, het erg moeilijk zal worden om genoeg energie te
genereren voor de batterij, die een stuk groter zal zijn’, spreekt de Brit zijn
verwachting uit. ‘Hoe dat het racen zal beïnvloeden moeten we nog zien, en
tegen de mensen die de ondergang van de DRS toejuichen wil ik zeggen: juich
vooral niet te vroeg’, adviseert hij de fans.
Volgens Brundle zal het vooral een kwestie van afwachten
worden. ‘De teams moeten een auto zien te bouwen die dertig kilo lichter is. Hoewel
de bolides kleiner zullen zijn, hebben ze wel actieve aerodynamica en een
grotere batterij, dus dat wordt nog een uitdaging’, voorspelt hij. ‘We zullen
het snel zien, want over anderhalf jaar gaan de auto’s de baan op en het werk
aan de aerodynamica mag pas in 2025 van start gaan’, sluit de Brit af.