De stap van Isack Hadjar naar Red Bull Racing is niet het resultaat
van één losstaand moment, maar van een seizoen waarin hij zich steeds
nadrukkelijker in de kijker reed. Toch was er één weekend dat zijn naam
definitief onderstreepte binnen de paddock. Op Zandvoort viel alles samen, al
leek daar in eerste instantie weinig op te wijzen. Het opvallende aan die doorbraak was juist hoe moeizaam het
weekend begon. Geen sterke signalen in de aanloop naar de kwalificatie, geen moment waarop Hadjar
zelf het gevoel had dat hij voor iets bijzonders stond. Integendeel: het was
een weekend waarin weinig vanzelf ging en waarin hij nauwelijks grip had op wat
mogelijk was. Dat maakt de uiteindelijke podiumplaats zo
opvallend tussen de Hollandse duinen.
Vertrouwen vervaagde
Dat Hadjar aan het begin van het seizoen al had uitgesproken
dat hij een podium wilde behalen, maakt het verhaal extra bijzonder. ‘Aan het
begin van het jaar moesten we onze doelen opschrijven’, vertelt hij in de
Red Flags-Podcast. ‘Ik nam
daar een foto van en schreef letterlijk op dat ik mijn eerste
F1-podium zou
halen.’ Opvallend genoeg werd daar binnen het team nauwelijks op gereageerd. ‘Niemand
zei dat het onrealistisch was, niemand zei eigenlijk iets.’
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Hadjars debuut eindigde nog rampzalig met een crash in de opwarmronde.
Toch begon de realiteit onderweg aan hem te knagen. ‘Na tien
races dacht ik echt: dit gaat niet gebeuren’, geeft Hadjar toe. ‘Met al deze
rijders om me heen leek een top drie onmogelijk.’ Pas toen hij zichzelf steeds
vaker in de buurt van de voorste posities terugvond, sloeg die gedachte om. ‘Toen
ik ineens richting de top drie ging, dacht ik: oké, het gebeurt echt.’ De Fransman had zich op een knappe vierde plaats gekwalificeerd op het circuit van Zandvoort en hield de hele race coureurs als
George Russell en
Charles Leclerc achter zich. Door een late uitvalbeurt van
Lando Norris wist de
Racing Bulls-coureur vlak voor het einde op te schuiven naar de podiumplekken.
Hadjar kan een feestje bouwen
Juist het verloop van het Zandvoort-weekend zelf maakte het
resultaat zo moeilijk te plaatsen. ‘Het is zo raar en random dat het juist dit weekend
was dat het lukte’, legt Hadjar uit. ‘Het begon zo slecht.’ Toch bleek dat geen voorbode voor
de race. ‘Je hebt soms weekenden waarin niets goed voelt, maar ook niets echt
fout. En dan eindigt het ineens met een megaresultaat.’ Volgens de nieuwe teamgenoot van
Max Verstappen is dat
een patroon dat hij vaker heeft gezien in zijn loopbaan.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Hadjar zal hopen aankomend seizoen nog vaker op het podium te staan.
Het contrast met andere weekenden is groot. ‘Er zijn ook
races die heel goed beginnen en compleet verkeerd aflopen’, zegt hij. Dat
grillige karakter van de autosport hoort er volgens hem bij en vraagt om
flexibiliteit. Het vermogen om te blijven werken, ook wanneer er geen
duidelijke signalen zijn, bleek in Zandvoort doorslaggevend.
Na de finish was de ontlading groot, vooral binnen het team.
‘De mensen in de garage gingen helemaal los’, herinnert Hadjar zich. Dat moment deelde hij op
zijn eigen manier. ‘Ik ben heel gepassioneerd. Op moeilijke momenten ben ik
keihard voor mezelf, maar op de goede momenten weet ik hoe ik iets moet vieren.’ Hij
trekt de vergelijking met zijn tijd in de
Formule 2. ‘Toen sprong ik altijd op
mijn jongens. Nu zijn het er gewoon meer, dus ik kan op meer mensen springen.’