Liam Lawson heeft uitgelegd waarom zijn terugkeer naar Racing Bulls niet betekent dat hij allerlei technische geheimen van Red Bull kan meenemen. De Nieuw-Zeelander werkte dit seizoen opnieuw enkele races voor het topteam en kreeg daardoor opnieuw een kijkje in de werkwijze naast Max Verstappen. Volgens Lawson verschillen beide auto’s echter zó sterk van elkaar dat technische oplossingen nauwelijks overdraagbaar zijn. Op operationeel vlak ziet hij wel degelijk dingen waarvan beide teams van elkaar kunnen leren. Lawson kreeg daarnaast de vraag hoe zijn periode onder
Laurent Mekies verschilt van zijn eerdere korte avontuur met
Christian Horner. “Ik heb hier vorig jaar maar twee races gereden, helemaal aan het begin van het seizoen, dus ik weet niet zo veel over hoe het team er toen voor stond”, legt hij uit tegenover
meerdere media. Daardoor vindt hij het lastig om de twee teambazen rechtstreeks met elkaar te vergelijken.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Liam Lawson reed vorig seizoen ook al voor Red Bull.
Horner leerde Lawson volgens eigen zeggen simpelweg te kort kennen om daar harde conclusies aan te verbinden. “Ik heb niet lang genoeg meegedraaid om Horner echt te leren kennen”, zegt hij. Met Mekies ligt dat anders. “Ik heb veel meer tijd met Laurent doorgebracht, ook bij VCARB en nu hier met hem.” Daardoor is tussen beiden inmiddels een veel hechtere werkrelatie ontstaan.
Mekies hielp volgens Lawson bovendien om zijn nieuwe overstap naar Red Bull makkelijker te maken. “Ik heb een goede band met hem opgebouwd toen we samen bij VCARB zaten”, vertelt hij. “En dat maakt de overstap waarschijnlijk ook wat makkelijker.” Voor Lawson betekende zijn terugkeer naar Red Bull daardoor niet dat hij opnieuw volledig in een onbekende omgeving terechtkwam.
Red Bull gaf Lawson ondertussen opnieuw de mogelijkheid om ervaring op te doen met een compleet andere Formule 1-auto. Toch denkt hij niet dat hij straks simpelweg met een lijst vol technische oplossingen terug kan keren naar Racing Bulls. “De auto’s zijn totaal verschillend”, benadrukt hij. “Er is niet iets dat ik hiervandaan kan meenemen en tegen Racing Bulls kan zeggen: dit moeten we gaan doen.”
Lawson kan niets meenemen
Racing Bulls werkt volgens Lawson namelijk met een totaal ander concept. “De manier waarop ze ontworpen zijn, is compleet anders”, zegt hij over de twee auto’s. Daardoor heeft het volgens hem weinig zin om bepaalde technische oplossingen één-op-één te kopiëren. Een onderdeel dat bij Red Bull werkt, hoeft volgens Lawson niet automatisch hetzelfde effect te hebben bij Racing Bulls.
Lawson ziet op andere gebieden wel mogelijkheden om kennis uit te wisselen. “Soms zijn er operationele dingen die het team anders doet”, legt hij uit. “Die kunnen misschien interessant zijn om van elkaar te leren, voor beide kanten.” Daarmee doelt hij vooral op de manier waarop beide teams tijdens een raceweekend samenwerken en bepaalde processen organiseren.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Lawson was drie races de teamgenoot van Verstappen.
VCARB hoeft zich volgens Lawson daarbij absoluut niet ondergeschikt te voelen aan Red Bull. “Er zijn dingen die VCARB heel goed doet”, benadrukt hij. Hetzelfde geldt uiteraard voor het topteam. “En er zijn dingen die Red Bull goed doet.” Juist daardoor ziet Lawson mogelijkheden om van elkaar te leren zonder te doen alsof de ene organisatie simpelweg alle antwoorden heeft.
Red Bull en Racing Bulls blijven technisch gezien volgens Lawson echter twee heel verschillende projecten. “Qua auto’s zijn ze zo verschillend dat ik dat niet echt met elkaar kan vergelijken”, zegt hij. Daarmee tempert hij meteen het idee dat zijn recente periode bij
Red Bull Racing straks een grote technische bonus oplevert voor Racing Bulls.
Lawson neemt dus vooral ervaring en kennis over werkwijzen mee terug. Zijn periode bij Red Bull leverde hem inzicht op in hoe het topteam bepaalde situaties aanpakt, maar een pakket aan technische ‘geheimen’ bestaat volgens hem simpelweg niet. “De auto’s zijn totaal verschillend”, herhaalt hij. En juist daarom ziet hij vooral waarde in het delen van operationele lessen, terwijl de technische ontwikkeling bij beide teams grotendeels zijn eigen weg blijft volgen.