Lando Norris is verwikkeld in het spannendste titelgevecht
van zijn carrière, maar volgens Peter Windsor ligt de grootste uitdaging niet
bij Max Verstappen of de kalender, maar binnen McLaren zelf. Terwijl Norris in
2025 misschien wel zijn beste seizoen ooit rijdt, is het volgens de Britse
analist geen toeval dat de coureur tegelijkertijd worstelt met mentale
belasting, prestatiedruk en eindeloze discussies over dashboards,
sportpsychologen en werkprocessen. De bron daarvan ziet Windsor niet bij de
buitenwereld, maar in zijn eigen teamstructuur. Volgens Windsor is het namelijk een misvatting dat Norris
dit seizoen toch vooral 'veel gewonnen heeft' op gebied van persoonlijke groei,
zelfs áls hij de titel misloopt, dat is volgens hem een
oppervlakkige manier van kijken naar de sport. Norris moet dit jaar
wereldkampioen worden, anders is 2025 voor hem géén succesverhaal. Dat hij zijn
sociale media gebruik heeft verminderd, meer focus heeft gevonden en procesmatig
sterker is geworden, is volgens Windsor simpelweg wat elke topsporter elk seizoen
hoort te doen. Geen bijzondere prestatie, maar een basisvoorwaarde.
Windsor legt schuld bij McLaren
Daarmee staat hij lijnrecht tegenover het beeld dat Norris 'groei' heeft doorgemaakt. ‘Het is allemaal nonsens’, zegt Windsor in op het kanaal van
Cameron Cc. ‘De enige
reden dat mensen erover beginnen, is omdat ze een verhaal willen maken van iets
wat normaal is. Iedere atleet hoort elk jaar beter te worden.’ Volgens hem is
de echte vraag waarom Norris zoveel mentale klachten ervaart, terwijl hij juist in
een fase zou moeten zitten waarin alles in dienst staat van winnen.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Windsor zou het een schande vinden als Norris geen kampioen wordt.
De oorzaak ligt volgens Windsor volledig bij
McLaren. Niet
omdat de auto tekortschiet, maar omdat Norris volgens hem onnodig onder druk
wordt gezet door de aanwezigheid van
Oscar Piastri. ‘Ze hadden hem niet moeten aantrekken. Ik denk dat hij een beter
seizoen had gehad als
Daniel Ricciardo nog in de andere auto had gezeten’,
stelt Windsor. ‘Dat zou de lijn van de minste weerstand zijn geweest. Met
Ricciardo had Norris zich puur kunnen richten op zijn eigen weekend, zonder
bezig te zijn met hoe hij een teamgenoot moet verslaan die hem op pure snelheid
kan pakken.’
Windsor gelooft namelijk niet in het klassieke Formule 1-verhaal dat
twee topcoureurs elkaar beter maken. Hij noemt het zelfs 'een mythe'. ‘Als je
een rijder hebt van het niveau Norris, (Charles, red.) Leclerc, (Lewis, red.) Hamilton, Verstappen of (George, red.) Russell, dan haal je er niet méér uit door iemand naast hem te zetten die net
zo goed is’, legt hij uit. ‘In de geschiedenis zijn daar talloze voorbeelden
van te vinden. Het maakt rijders juist nerveus, gefragmenteerd en minder
gefocust.’
Ook Piastri is slachtoffer
Volgens hem is
McLaren bovendien niet strategisch bezig door
Piastri klaar te stomen als toekomstige nummer één. ‘Er is geen enkel
historisch bewijs dat je kampioenschappen alleen kunt winnen met een coureur
die je zelf hebt opgeleid’, zegt hij. ‘Snelle rijders kun je altijd aantrekken,
als je auto maar goed genoeg is. Als Norris over vijf jaar vertrekt, zijn er
genoeg snelle jongens te tekenen.’ Namen als Isaac Hadjar en die van Leclerc passeren de revue als voorbeelden van beschikbare talenten.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Windsor vindt het een fout dat McLaren met Piastri in zee is gegaan.
Het argument dat Piastri 'de volgende generatie' moet
vertegenwoordigen, vindt Windsor zelfs naïef. ‘Dat is het verwarren van Formule
1 met andere industrieën. Dit is geen voetbalteam waar je voor de beste
selectie gaat. In de Formule 1 draait het erom dat één coureur het maximale uit de auto
haalt, en dat de tweede rijder dat geheel ondersteunt. Je wil geen rijders die
elkaar constant punten afsnoepen en de garage in een politieke arena
veranderen', besluit de Brit.