Max Verstappen ziet zichzelf zonder moeite als een ‘winning machine’, maar alleen wanneer de situatie daarom vraagt. De viervoudig wereldkampioen maakt duidelijk dat hij buiten de Formule 1 heel anders in het leven kan staan dan tijdens een raceweekend. Zodra het echter over racen gaat, verandert zijn houding volledig. Dan draait alles om presteren, winnen en het maximale uit zichzelf én de mensen om hem heen halen. Verstappen herkent zich dan ook in het beeld dat hij tijdens raceweekenden bijna uitsluitend met winnen bezig is. “Ik ben een winmachine wanneer dat nodig is”, zegt hij. Tegelijkertijd benadrukt de Nederlander dat hij die houding niet voortdurend met zich meedraagt. “Ik kan het ook uitschakelen en genieten van mijn leven buiten het racen", zo legt hij uit in een interview met de
BBC. Voor Verstappen bestaat er daarmee een duidelijke scheiding tussen zijn professionele en persoonlijke leven.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Verstappen is een winmachine.
De viervoudig wereldkampioen vertelt dat er een bepaalde knop omgaat wanneer hij begint met racen. “Alles wat met racen te maken heeft, daar ben ik natuurlijk een winmachine”, stelt hij zonder enige twijfel. Die mentaliteit beperkt zich bovendien niet tot zijn eigen prestaties. “Ik eis veel van de mensen binnen het team.” Andersom vindt hij dat ook logisch. “Zij verwachten van mij eveneens dat ik presteer en het best mogelijke werk lever", zo benadrukt de Limburger.
Red Bull en Verstappen hebben volgens hem uiteindelijk precies hetzelfde belang. “Daar word je uiteindelijk voor betaald”, legt hij uit. “We hebben hetzelfde doel, dezelfde ambitie.” Dat verklaart volgens de Nederlander ook waarom hij soms hard of uitgesproken kan zijn richting zijn omgeving. Voor hem is dat geen persoonlijke aanval, maar onderdeel van een werkwijze waarin alles gericht is op het verbeteren van de prestaties.
Verstappen maakt er geen geheim van dat hij daarbij regelmatig rechtstreeks zegt wat hij ergens van vindt. “Natuurlijk kan ik heel uitgesproken zijn”, erkent hij. “Maar dat is juist wat ik prettig vind. Dat zit ook een beetje in onze cultuur", aldus de Nederlander. Soms zien we hoe Verstappen in interviews heel kritisch kan zijn, ook op zijn eigen team. Hij gebruikt dat ook als een manier om zijn eigen team te pushen.
Verstappens aanpak is op meerdere plekken te zien
Zijn
GT3-team vormt daar volgens Verstappen een goed voorbeeld van. Ook bij zijn eigen raceproject kiest hij voor dezelfde compromisloze aanpak. “Zo benader ik mijn leven buiten de Formule 1 ook, bijvoorbeeld met mijn GT3-team”, legt hij uit. “Wij houden ons niet in.” Voor Verstappen is die houding zelfs noodzakelijk. “Voor mij moet je zo zijn als je echt het beste uit iedereen wilt halen", zo legt hij uit. Dat is dan ook uitermate succesvol, want zijn team doet op hoog niveau mee.
Formule 1 is en blijft een politiek spel, maar Verstappen weigert om zich daardoor anders voor te doen. “Ik wil gewoon mezelf zijn”, zegt hij. “Ik weet dat er veel politiek is in de Formule 1 en ik begrijp ook dat er tussen de teams onderling veel politiek bestaat", denkt Verstappen. Teams zullen volgens hem altijd proberen hun eigen belangen te verdedigen, zeker wanneer regels rond chassis of motoren worden besproken.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Verstappen doet niet aan politieke spelletjes.
Verstappen wil zich daar echter niet achter verschuilen. “Je spreekt natuurlijk altijd vanuit je eigen belang als team, afhankelijk van waar je denkt een voordeel te hebben of juist niet”, legt hij uit. “Dat is normaal. Met de motoren is dat zo en met het chassis precies hetzelfde. Als iets goed is, dan is het goed. Als iets slecht is, dan is het slecht”, stelt hij. “Je zult dat van mij horen, omdat ik zo graag werk.” De Nederlander heeft dan ook geen behoefte om zijn mening mooier te maken dan hij werkelijk is. “Ik ga me daar niet voor inhouden.”
Verstappen is duidelijk
De situatie in 2026 vormt daarvan een perfect voorbeeld. Verstappen neemt geen blad voor de mond. Zelfs de vorige generatie turbohybrides kon hem niet bekoren. “Ook verschrikkelijk, als je het vergelijkt met een V8”, zegt hij. “Een V8 is zoveel beter. Veel vrijer en lichter. De auto’s zijn tegenwoordig gewoon ontzettend zwaar. "Het zou beter zijn om gewoon een kleinere V8 te hebben, veel lichter”, stelt hij. “Beperk de batterij misschien tot iets zoals een push-to-pass-systeem. Die moet niet betrokken zijn bij de normale prestaties van de auto.”
Verstappen zou het liefst zelfs helemaal zonder turbo rijden. “Idealiter niet, want daarmee introduceer je turbolag”, zegt hij. Toch gaat zijn bezwaar vooral over emotie. “De V8, de V10, toen ik klein was: je liep rond, hoorde die auto’s naar buiten rijden en kreeg kippenvel.” Volgens Verstappen doet absolute topsnelheid er dan weinig toe. “Of je nu 300 rijdt of 350 of 360, dat maakt niet uit", denkt hij. "Het is het geluid, de trillingen die je van die auto’s krijgt. Dat is gewoon een ander niveau”, besluit hij. “Ik hoop echt dat dat ooit terugkomt."