Aan het einde van het seizoen wist Max Verstappen Oscar Piastri in te halen in het kampioenschap, terwijl de Australiër voor een groot deel van het jaar zelfs WK-leider is geweest. Vanaf de Grand Prix van Saoedi-Arabië tot Mexico stond Piastri op P1. Oud-IndyCar-coureur James Hinchcliffe zou het daarom niet eerlijk vinden om te zeggen dat de strijd slechts tussen Lando Norris en Verstappen ging. 'Er is terecht veel aandacht geweest voor het ongelooflijke seizoen dat zowel Lando als Max heeft beleefd', begint Hinchcliffe. 'Het was een titelstrijd tussen twee titanen van de sport die het hele seizoen woedde en pas in de laatste ronde van de laatste race werd beslist. Alleen dat klopt niet helemaal...', zo spreekt hij zichzelf een beetje tegen. 'Het was namelijk een strijd tussen drie titanen van de sport, die op en neer golfde en uitmondde in een titelbeslissing in de laatste race.'
De Canadees vindt dat Piastri wat meer lof verdient dan hij heeft gekregen in de afgelopen maanden. Piastri kende een dip na de zomerstop, maar krabbelde in Qatar weer op. 'Oscar was tot ver in het jaar, zelfs tot in september, de leider in het kampioenschap en de uitgesproken favoriet voor de titel', zegt Hinchcliffe. 'De vormomslag van Norris en de historische comeback van Verstappen vielen toevallig samen met een lichte terugval in prestaties van Piastri.'
In
zijn column voor Formula1.com richt Hinchcliffe zich op het bijzondere, derde seizoen van de Australiër. Men vergeet volgens hem te vaak dat het nog maar zijn derde jaar in de Formule 1 was. 'Het keerpunt leek in Mexico te liggen, waar Norris met meer dan dertig seconden voorsprong won en voor het eerst in vijftien races de leiding in het kampioenschap weer overnam. Vanaf dat moment ging alles tussen Norris en Verstappen.'
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Piastri streed ook tot de laatste race om het kampioenschap.
Voorsprong leek onoverbrugbaar
Volgens Hinchcliffe haalde dat wat glans weg van Piastri's seizoen, maar het mocht naar zijn idee geen afbreuk doen aan de ongelooflijke prestatie. 'In de eerste drie races pakte elk van de titelkandidaten een overwinning voordat Piastri zich ontpopte tot dé man om te verslaan met drie zeges op rij, van Bahrein tot Miami. Toen hij de zevende overwinning van het seizoen behaalde in Zandvoort, op dezelfde dag dat Norris uitviel, leek zijn puntenvoorsprong onoverbrugbaar', schrijft Hinchcliffe.
'Hoewel het uiteindelijk niet zijn kant op viel, is het de moeite waard om te bedenken waar hij drie jaar geleden stond en hoe ver hij in zo'n korte tijd is gekomen', blikt hij terug. Piastri won de Formule 3 en Formule 2 achter elkaar en stond een jaar langs de zijlijn als onderdeel van het Alpine-programma. 'Daarna volgde een zeer publiek conflict over voor welk team hij in 2023 zou rijden, waarbij
McLaren uiteindelijk aan het langste eind trok.'
De Canadese oud-coureur zou zeggen dat, met de huidige kennis, het de juiste keuze was. 'Vergeet alleen niet dat hij Lando's huis binnenstapte', schrijft Hinchcliffe verder. 'De Brit zat daar al vier jaar en werd op handen gedragen door eigenaren en management. Hoewel hij zijn eerste race nog niet had gewonnen, was Norris duidelijk de teamleider. Bij elke leider is er een kans om te leren, en Piastri bewees een snelle leerling te zijn.'
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Piastri heeft in zijn derde seizoen al meegemaakt hoe het is om voor een titel te vechten.
Houding van een kampioen
In zijn eerste jaar pakte hij een podium in Japan en voegde hij er een sprintzege aan toe. Het was duidelijk dat hij nog veel moest leren, met name op het gebied van de racepace, maar dat kwam in 2025 steeds beter samen, waardoor hij zelfs even de overhand had. 'Met McLaren die naar verwachting een auto zou hebben om vooraan mee te strijden werd gedacht dat Piastri een ondersteunende rol zou spelen naast zijn meer ervaren teamgenoot. Piastri had echter zijn huiswerk gedaan in de winter', klinkt Hinchcliffe trots.
'Hij had de kwalificatieproblemen aangepakt. Wat zo indrukwekkend aan zijn vorm was, was de consistentie gedurende het hele weekend. Was hij snel in de trainingen, dan bevestigde hij dat in de kwalificatie. Kwalificeerde hij zich goed, dan verzilverde hij dat in de race. Soms sloeg hij precies toe op het moment dat het er het meest toedeed, tijdens weekenden waarin Norris tot aan de kwalificatie de overhand leek te hebben. Hij had de rustige, onverstoorbare houding die we zijn gaan verwachten van kampioenen.'