Bij The Chris Moyles Show deed Zak Brown een boekje open
over wat McLaren volgens hem écht sterk maakt. Niet een magische update of één
briljante coureur, maar de mensen achter de schermen en de cultuur die de
afgelopen jaren is opgebouwd. Brown gaf een zeldzaam inkijkje in hoe groot en
complex een modern Formule 1-team is, en waarom juist die omvang, mits goed
georganiseerd, een kracht kan zijn. Brown stak zijn bewondering voor zijn eigen organisatie niet
onder stoelen of banken. ‘De mannen en vrouwen bij
McLaren hebben ongelooflijk
werk geleverd’, vertelt hij. ‘De cultuur en de werkomgeving zijn echt van een
ander niveau.’ Volgens de Amerikaan schuilt de sleutel tot succes in het
creëren van één gezamenlijke richting. ‘Het is ongelooflijk hoeveel kracht
mensen hebben als je ze allemaal dezelfde kant op laat roeien.’
Honderden werknemers
Daarbij plaatst Brown de Formule 1 meteen in perspectief.
Van buitenaf lijkt het soms alsof alles draait om twee coureurs en een pitmuur,
maar de realiteit is totaal anders. ‘Er gebeurt zóveel binnen een Formule
1-team dat het bijna onmogelijk is om alles te overzien’, legt hij uit. Dat
geldt niet alleen voor topteams, maar voor de hele grid. Brown verwijst daarbij
ook naar
Williams, waar
James Vowles volgens hem goed bezig is. ‘Williams is
een geweldig team en James doet daar echt goed werk. Dat is een team om in de
gaten te houden.’
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
McLaren neemt veel mensen mee naar het circuit.
Vervolgens schetst Brown hoe groot
McLaren daadwerkelijk
is. ‘In totaal werken er zo’n 1.400 mensen bij McLaren’, zegt hij. Dat aantal
omvat ook het
IndyCar- en sportwagenprogramma. ‘Als je puur naar de race-tak kijkt,
praat je over ongeveer duizend mensen, waarvan zo’n 750 direct aan de Formule 1
werken.’ Het zijn cijfers die laten zien hoe ver de sport is gegroeid.
Opvallend is dat Brown juist de ‘onzichtbare’ afdelingen
benadrukt. ‘Die andere 250 mensen zitten in de financiële tak, HR en commercie’, vertelt hij. ‘Maar zij zijn net zo goed onderdeel van het team.’ Volgens Brown is dat
cruciaal. ‘Iedereen bij
McLaren begrijpt hoe hij of zij bijdraagt aan de
prestaties van de raceauto.’ Zonder die mindset wordt winnen volgens hem
onmogelijk. ‘Je moet op alle cilinders draaien om die andere geweldige teams te
verslaan.’
Goede verdeling
Tijdens een raceweekend is maar een klein deel van die
organisatie daadwerkelijk op het circuit aanwezig. ‘Gemiddeld nemen we zo’n 125
tot 130 mensen mee naar een race’, aldus Brown. Dat heeft te maken met strikte
operationele limieten, die bedoeld zijn om kosten en personeelsaantallen te
beheersen. Daarnaast reist er ook een commerciële en hospitalitygroep mee,
waardoor
McLaren relatief zichtbaar is in de paddock.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
De belangrijkste mensen zijn er altijd bij bij McLaren.
Wat veel fans niet zien, is dat een groot deel van het werk
elders gebeurt. ‘In Woking hebben we tijdens een raceweekend ongeveer zestig
mensen in Mission Control’, legt Brown uit. ‘Veel data, strategie en analyse
gebeuren daar.’ Hij vergelijkt het met NASA. ‘Denk aan hun mission control die je weleens op televisie hebt gezien, zo moet
je het zien.’ In totaal zijn er volgens Brown zo’n tweehonderd mensen actief
betrokken bij een raceweekend, al zit het merendeel dus niet op het circuit.
Al die processen kan niemand alleen overzien, benadrukte
Brown. ‘Je moet jezelf omringen met geweldige mensen, want je kunt onmogelijk
alles zelf bijhouden’, zegt de CEO. Daarom ligt zijn focus vanaf het begin op
leiderschap. ‘Het eerste wat ik heb gedaan, is een sterk managementteam
samenstellen. De manier
waarop zij hun afdelingen leiden, daar ben ik het meest trots op.’