Aston Martin blijft na de wintertest een van de meest
besproken teams in de paddock, maar niet om de juiste redenen. Waar andere
topteams vooral kilometers maakten en hun programma’s konden afwerken,
stapelden bij het team uit Silverstone de vragen zich op. Volgens analist Craig
Scarborough is dat niet terug te brengen tot één defect of één mislukte sessie.
In zijn ogen spelen er namelijk twee grotere, structurele factoren tegelijk. De eerste factor zit volgens Scarborough in de aard van het
team zelf en de fase waarin de organisatie zich bevindt. Aston Martin beschikt
over moderne middelen en grote ambities, maar komt wel uit een structuur die
jarenlang gewend was als sterke middenmoter te opereren. De tweede factor is de
samenwerking en afstemming rond de powerunit-kant, waar volgens Scarborough ook
een cultuurverschil meespeelt in hoe er gewerkt wordt.
Geen topteam
Scarborough verwoordt dat behoorlijk direct: ‘Ik denk dat
daar twee dingen spelen. Eén: je hebt wat we maar het
Force India-team zullen
noemen dat daar zit. En ook al zijn ze
Racing Point en Aston Martin geweest,
met alle respect voor iedereen daar: het is een middenveldteam. Het is niet een
van de absolute topteams die alles tot het uiterste pushen.’ Daarmee zet hij
meteen de toon: dit gaat volgens hem niet alleen over snelheid, maar vooral
over ervaring met extreme topniveau-oplossingen.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Newey en de engineers lijken nog niet dezelfde taal te spreken.
Juist daarom wijst hij op de komst van
Adrian Newey als een
enorme schok voor de bestaande manier van werken. ‘En ik denk dat wanneer
iemand als Adrian bij zo’n team binnenkomt en ineens alles tot bijna niks wil
verkleinen, dat moeilijk is', verklaart de Brit tegenover
Ziggo Sport. Scarborough legt uit dat zo’n ontwerpfilosofie
niet zomaar in één winter in een organisatie zit. ‘De engineers hebben die
ervaring niet gehad, ze zijn niet opgegroeid met alle manieren om dit te doen.
Red Bull Racing had in de beginjaren ook moeite met Adrians ontwerpen, terwijl ze op
snelheid moesten komen met wat hij met de auto wilde doen.’
Volgens Scarborough verklaart dat ook een deel van de
problemen die Aston Martin tijdens de test heeft laten zien. ‘Dus je hebt dat
aspect ervan, en ik denk dat veel van de oververhitting die we hebben gezien
gewoon ermee te maken heeft dat ze niet de ervaring hebben met sommige van deze
oplossingen.’ Dat is een interessante observatie, omdat hij daarmee suggereert
dat het niet per se om een verkeerde filosofie gaat, maar om een team dat nog
moet leren hoe je zulke agressieve concepten betrouwbaar laat werken.
Samenwerking met Honda loopt stroef
Daarna schuift Scarborough door naar de tweede pijler van
zijn analyse:
Honda. ‘En dan heb je Honda. En dat verbaasde me best, want
Adrian heeft met Honda gewerkt via Red Bull en hij was al rond in de Formule 1
toen
Williams in de jaren tachtig met Honda kwam, en daarna weer met
McLaren,
dus hij kon zien wat er speelde.’ Met andere woorden: de namen aan tafel zijn
bekend met elkaar, maar dat betekent volgens hem nog niet automatisch dat de
samenwerking vanzelf soepel verloopt.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Honda's samenwerking met Neweys Red Bull verliep een stuk beter.
Scarborough is tegelijk duidelijk positief over de Japanse
fabrikant, maar plaatst daar een belangrijke kanttekening bij. ‘En Honda,
opnieuw met alle respect voor Honda, is een fantastische powerunit-fabrikant.
In veel opzichten zijn ze radicaler en vooruitstrevender dan welke andere
powerunit-fabrikant dan ook.’
Alleen, vervolgt hij, zit de uitdaging ergens
anders: ‘Maar ze hebben een manier van werken, en de manier waarop een Formule
1-team werkt is daar heel anders van.’ Precies in die overlap, een team dat
nog groeit in topteamprocessen én een motorenpartner met een eigen sterke
werkwijze, ziet Scarborough de frictie die Aston Martin nu in de wintertest
parten lijkt te spelen.